Arnold Karskens over koopbare journalisten

Een bekend gezicht in de Nederlandse media is ongetwijfeld de in Brussel wonende Nederlandse journalist Arnold Karskens, een man die zich vooral specialiseert in oorlogsverslaggeving. Een aspect waarin hij in het verleden trouwens zijn kwaliteiten bewees.

Terwijl praktisch het ganse journaille van de VS tot Frankrijk en Nederland nog als een kip zonder kop achter de opstandelingen in Syrië liepen was hij een van de enigen die al in het prille begin wezen op de grote invloed van salafistische terreurgroepen waaronder al Qaeda.

Verscheidenheid

Vorig jaar verscheen er van zijn hand nu een boek met als titel ‘Journalist te koop – Hoe corrupt zijn onze media?’ Het is geen analyse en relaas van allerlei feiten maar gewoon een verzameling gesprekken met journalisten van heel divers pluimage die hun visie hierop geven en vooral klagen over de staat der Nederlandse journalistiek. Wat natuurlijk ergens logisch is.

En daar zijn gerespecteerde figuren bij als Joris Luyendijk en Henk Hofland, de vorig jaar overleden buitenlandverslaggever. Wat maakt dat dit mogelijks zijn laatste interview was. Daarnaast komen er echter ook figuren aan het woord die men best als malcontente randfenomenen kan zien als een Gertjan van Beijnum en Jan Roos. Mannen met vooral en soms alleen een grote bek.

Arnold Karskens - - Journalist te koop

En dan is er een Derek Jan Eppink die komt klagen over wanpraktijken in de relatie politiek en journalistiek. Een man die echter in hetzelfde bedje ziek bleek. Opvallend is ook de aanwezigheid bij de geïnterviewden van de Duitse onlangs overleden journalist Udo Ulfkotte die zeer negatief is over de journalistiek, vooral dan de Duitse natuurlijk.

Het geeft door zijn verscheidenheid natuurlijk een heel erg divers beeld maar het wordt er niet minder scherp op. Het gevolg is dat de journalistiek er hier erg slecht uitkomt als een beroepsgroep waarin luiheid, domheid, censuur, vooringenomenheid ten voordele van de VS en de ‘gevestigde machten’ en corruptie schering en inslag zijn.

In loondienst

Het hoeft uiteraard niet te verwonderen. Iedere degelijke waarnemer van de pers weet dat het vertrouwen van de bevolking in de media erg laag is. Samen dan met politici en leurders aan de deur dan.

Natuurlijk is de titel ‘Journalist te koop’ ietwat misleidend en enigszins dom te noemen. Elke journalist die via zijn schrijven geld wil verdienen verkoopt zich nu eenmaal. Journalisten in vaste dienst doen dat zelfs via een arbeidscontract. En dan doen ze wat de baas, de hoofdredacteur, zegt. Zo niet….

En die hoofdredacteur wordt gekozen door de eigenaar. En die eigenaar wil dat zijn mannetje het doet zoals hij of zij dat wil. Pure logica feitelijk die echter een wat ander licht werpt op de persvrijheid zoals velen dit nog altijd erg theoretisch en met een heel roze bril zien.

Henk Hofland - 2

Henk Hofland, tot zijn dood door velen gezien als het lichtend voorbeeld voor de journalistiek, is vlijmscherp voor het beroep. Corruptie en manipulatie door de politiek, het bedrijfsleven en de veiligheidsdiensten zijn er volgens hem alomtegenwoordig.

Zeker als die eigenaar goede vriendjes is met bepaalde politici of politieke voorkeuren heeft. En die eigenaars moeten ook al eens mooie woorden doen bij bepaalde politici om zaken gedaan te krijgen. Neem Christian Van Thillo, eigenaar van o.m. Trouw, De Volkskrant, De Morgen en Het Laatste Nieuws. Geweten is dat hij nogal eens fietst met Guy Verhofstadt, de vroegere liberale premier en Europarlementslid.

Wat is corruptie?

Een ander probleem is er ook met de ondertitel van het boek: ‘Hoe corrupt zijn onze media’. Dat klinkt mooi maar wat is ‘corruptie’ feitelijk? Het is een term uit het strafrecht die nogal gemakkelijk gebruikt wordt, niet zelden ook te onpas.

Is bijvoorbeeld Jorn De Cock die voor De Standaard schrijft over de oorlog van het Westen tegen Syrië corrupt? Zeker als hij zelf toegaf met zijn vrouw een Brits vennootschap te hebben via welke men mediatraining gaf aan die door de VS gesteunde groepen. Waarover hij dan schrijft. Een VS wiens diplomaten volgens zijn boek (1) in Damascus kind aan huis waren bij het echtpaar De Cock. Het is een vraag.

En toen de Nederlands Veiligheidsdienst AIVD in 2008 aan journalisten die de Olympische Spelen gingen verslaan vroeg of zij ginds voor hen spionagewerk zouden willen doen waren er onmiddellijk 8 bereid om dat ook te doen. Was dat dan corruptie? Dat het journalistiek niet door de beugel kan is zeker. Maar veel ethiek moet je in de media niet zoeken. Het is er zeldzaam en het opofferen van principes blijkt een courante praktijk.

Bronnen

Bovendien is er ook de aard van het beroep. Journalisten zijn afhankelijk voor hun nieuwsgaring van de bronnen. Persmensen zijn jagers en zonder bronnen is een journalist niets, waardeloos bijna. Bij de meeste journalisten is er daarom de logische vrees dat als ze te onvriendelijk voor hun bronnen zijn dat men ze dan zal droogleggen. Een ramp.

Een gekend onderzoeksjournalist stelde het in een gesprek ooit zo: ‘Als je een bepaald dossier onderzoekt ga je toch zeker je bronnen beschermen, zelfs al zijn die bronnen malafide.” Of hoe men moeiteloos een dossier manipuleert en de weg effent voor leugens, halve waarheden en verdraaiingen.

Christian Van Thillo

Van mediamagnaat Christian Van Thillo, eigenaar van de helft van de Vlaamse en Nederlandse kranten, is het geweten dat hij persoonlijke goede contacten heeft met bijvoorbeeld een Guy Verhofstadt. In hoeverre speelt dit een rol in de berichtgeving van door hem gecontroleerde media als Het Parool, De Volkskrant, VTM en De Morgen?

Het verklaart waarom sportjournalisten in regel nog nooit een dopingschandaal onthulden. Er is immers de schrik dat als ze gevallen van doping in een specifieke sporttak gaan onthullen en kritisch berichten dat ze dan in bijvoorbeeld het wielermilieu buiten gepest gaan worden. En dus zwijgt men en als er een schandaal is dan zal men grossieren in algemeenheden en op de vlakte blijven. Je weet nooit en de broodwinning hangt er vanaf.

Want een journalist is ook maar een mens en de meesten buigen gewoon. En de klokkenluider gaan spelen is voor weinige gegeven. Zie maar naar journalisten die wegens een te kritische stem veelal geruisloos op straat worden gezet. Kijk naar wat er bij De Morgen en De Standaard gebeurde. En wie de interviews van Arnold Kerskens leest ziet dat het in Nederland niets beter is.

Veiligheidsdiensten

Zo citeert Karskens in een gesprek met Henk Hofland Carl Bernstein, de man van Watergate en The Washington Post die nadien zelf serieus in opspraak kwam wegens diens relatie met de regering van George Bush Jr., als die: ‘zegt dat er in Amerika vierhonderd journalisten werken voor de CIA’. Waarop Hofland reageert stellende; ‘…dat zou mij niet verbazen.’

Natuurlijk komen er hier figuren aan het woord als Jan Roos en Derek Jan Eppink die de media partijdigheid verwijten maar dat doen vanuit het standpunt omdat de media hun visie niet delen en bijvoorbeeld hun islamofobie niet of onvoldoende aan het woord laten komen.

Maar dat professionele journalisten zelf in deze serie gesprekken zo ongenadig zijn voor hun beroep zou een roep om actie moeten zijn vanuit de journalistiek. Maar neen, het boek kreeg erg weinig aandacht in de media. Dit terwijl men hier naar het hart gaat van de grote problemen waarmee kranten, radio, televisie en weekbladen zitten.

Zo is er Jan Dijkgraaf die stelt ‘Zonder subtiele corruptie zouden kranten niet meer bestaan’ of Xandra Schutte van De Groene Amsterdammer die oppert dat: ‘De journalistiek een grote hoer is geworden.’. Waarbij men zich naar het verleden kijkend kan afvragen of het dan ooit anders of beter was.

Zo stelt zij in het boek nog: ‘Ik heb verhalen gehoord over een journalist in vaste dienst bij een kwaliteitsmedium waar speeches werden geschreven voor politici.’ Een realiteit ook in België natuurlijk waar het bij de VRT vroeger onder politieke redacteuren schering en inslag was om mediatraining te geven aan politici die ze daarna dan moesten interviewen.

Patrick Dewael & Greet Op de Beeck

Greet Op de Beeck en haar toenmalige minnaar Patrick Dewael van Open VLD. Met als vraag waar men het interview voor de VRT toen opnam. In bed? Ze werkt sinds september 2015 op het kabinet van Vlaams minister voor Energie Bart Tommelein (Open VLD). Jobs for de boys en girls.

Of het schokkend verhaal van Greet Op de Beeck die haar minnaar politicus Patrick Dewael voor de VRT interviewde. Deze relatie was in de Wetstraat een publiek geheim maar men liet haar begaan. Pas jaren later verliet ze de VRT-Nieuwsredactie.

En dan was er wetstraatjournalist Johny Vansevenant die voor de VRT-redactie het schandaal volgde rond de helikopters van Augusta voor de VRT waarin de SPA/PS zwaar in opspraak kwamen. Hij schreef er zelfs een boekje over. Ondertussen kluste hij wel wat extra’s bij elkaar bij CD&V als hun mediatrainer. Hij doet nog steeds de Wetstraat.

Sommigen blijken ook hun carrière plots te verwisselen met die van de politiek. Zo was er Philippe Beinaerts van de VTM-nieuwsdienst die de kiesstrijd in Antwerpen versloeg en bijna onmiddellijk na die verkiezingen de woordvoerder werd van Antwerps burgemeester en N-VA-voorzitter Bart De Wever. Alles is mogelijk in de wereld van de journalistiek. En men laat gewoon begaan.

Elio Di Rupo

Absoluut dieptepunt zowel op het vlak der Belgische journalistiek en de politiek is zeker het schandaal in 1996 rond de vermeende pedofiliezaak van toenmalig vice-premier Elio Di Rupo (PS). Op basis van een dubieus gemanipuleerd dossier brachten het Nieuwsblad en zusterkrant De Standaard vrijdagochtend het verhaal van een minister uit de regering Jean-Luc Dehaene (CD&V) die een pedofiel bleek en tegen wie er een gerechtelijk onderzoek liep.

Waarna die vrijdagavond Herman De Croo (Open VLD) op de VRT onthulde dat het hier om Di Rupo ging. En dit op een ogenblik dat het land totaal in de ban was van Marc Dutroux en zijn kindermoorden. Het kot was veel te klein.

385241163093922098_178516171

Elio Di Rupo was ooit het slachtoffer van de meest schandelijke episode uit de Belgische pers. En kijk dankzij de politiek kregen de drie grote protagonisten binnen de journalistiek achteraf zicht op een mooi nieuw leventje. Een mooi voorbeeld van journalistiek die bijna letterlijk over lijken gaat. Een van de twee betrokken gerechtelijke inspecteurs pleegde nadien trouwens zelfmoord. De andere viel terecht in ongenade.

Tot maandag de VRT kwam met het verhaal dat alles gebaseerd was op beweringen van een fantast Olivier Trusgnach die bovendien gekend was voor criminele feiten. Het verhaal klapte in elkaar maar ondertussen had Di Rupo, een homoseksueel, wel zelfmoord willen plegen. Ook leek het gewoon een poging te zijn om de regering te doen vallen en de Open VLD/MR in de regering te brengen.

De hoofdredacteur van Het Nieuwsblad was op dat ogenblik Paul Van Den Driessche, nu senator voor de N-VA en een man berucht om zijn handtastelijkheden tegenover vrouwen, de hoofdredacteur van De Standaard was toen Dirk Achten. Hij is nu zonder ooit diplomaat geweest te zijn de grote baas op Buitenlandse Zaken. Het was een der laatste benoemingen gedaan door toenmalig minister Karel De Gucht (Open-VLD).

En de journalist die op maandag het hachje van de regering en Di Rupo redde was…. Siegfried Bracke, toen de Wetstraatman van de VRT die in die periode ook bij de SPA wat bijverdiende met zijn bijdragen voor het partijblad van de SPA.

Hij is nu parlementslid voor de N-VA en voorzitter van de Kamer van Volksvertegenwoordigers en zo de best betaalde politicus van het land. Dat is de staat van onze journalistiek en ook die elders trouwens. Arnold Karskens toont het aan voor zijn Nederland. .

Dat deze media dagelijks dan ook tonnen propaganda over zaken als Rusland, Libië of Syrië produceren kan dan ook geen enkele verbazing wekken. Iets anders verwachten zou oerdom en totaal naïef zijn. Wie wil weten hoe het er in bijvoorbeeld Syrië werkelijk aan toe gaat zoekt dat daarom niet in De Standaard, The New York Times of de NRC. Leugens, dat kan je over die zaken er wel in overschot vinden.

Het boeiend boek van Arnold Karskens toont dit zeer goed aan. Het is in wezen de begrafenis van onze journalistiek. En geen heelmeester die langs komt en raad geeft. Geen verbazing dat de collega’s er bijna geen aandacht aan besteden. Die hebben het immers te druk met het te vriend houden van hun bronnen in het Haagse Binnenhof of in de Brusselse Wetstraat.

Willy Van Damme

Arnold Karskens, ‘Journalist te koop – Hoe corrupt zijn onze media?’, Uitgeverij Em. Querido, 261 pagina’s, 2016, 18.99 euro.

  1. Jorn De Cock, ‘Arabische lente – een reis tussen revolutie en fatwa’, De Bezige Bij, Antwerpen, 336 pagina’s, 2011.

NRC en de doden in Donbas

Lezersbrief gestuurd naar de NRC betreffende het artikel van Eva Cukier ‘Raadselachtrige doden in de Donbas’ van 14 februari 2017.

Een wat late reactie daar ik het artikel ‘Raadselachtige doden in de Donbas’ van NRC 14 februari pas nu las. Dit verhaal is typerend voor de infantiele wijze waarop jullie over bepaalde zaken in de krant schrijven.

Zo heeft jullie medewerkster Eva Cukier het in dat artikel over de serie doden die er de voorbije twee jaar in Donbas of met de regio Donbas verbonden personen vielen. Daarbij kopt men in een tussentitel ‘De dode commandanten wisten meer over de rol van Moskou in het conflict.’

Conclusie voor de veelal weinig oplettende lezer is dus duidelijk: Moskou en president Poetin zijn hier de dader. Maar waarop baseert ze zich om die toch wel heel zware beschuldiging van seriemoordenaar te uiten? Erg simpel zo blijkt bij grondige lectuur van dat stuk.

Vooreerst stelt ze: “Experts noemen het onwaarschijnlijk dat Oekraïense spionnen erin slagen zo veel kopstukken te elimineren.”. De ‘experts’ dus. Maar wie die experts dan zijn en op welke basis men die onbekenden dan experts mag noemen en waarop die zich voor hun toch wel zwaarwichtige verklaring baseren weten we niet. Mevrouw Cukier schrijft het niet. Met andere woorden: Dit is een in het verhaal cruciale maar nergens door gestaafde bewering.

Wat verder in haar stuk heeft zij het weer over ‘experts’ als zij schrijft: “Experts sluiten de hand van Moskou in de aanslagen niet uit.” Hoe experts? Natuurlijk mag je bij onderzoek van onder meer criminele feiten nooit iets uitsluiten. Dus ook de ‘hand van Moskou’ niet. Maar voordien sluit ze, zich baserend op anonieme ‘experts’, wel de piste van ‘Oekraïense spionnen’ uit.

En dan citeert ze wat verder een zekere als Russisch onderzoeksjournalist omschreven Ilja Barabanov die stelt: “Zolang er actieve strijd werd geleverd, waren deze mensen nodig, maar na het tweede Minsk-akkoord nam de behoefte aan zichtbare commandanten sterk af.” Iets wat, stelt ze, welke Ilja Barabanov vorige week schreef op basis van anonieme bronnen. Anonieme bronnen dus.

Vooreerst is die verklaring van Barabanov een die niets zegt over de moorden en dus over deze zaak ook geen enkel uitsluitsel geeft. Bovendien stond er vorige week in de NRC nog te lezen over zware gevechten in de Donbas. De verklaring van Barabanov wordt dus tegengesproken door de feiten.

NRC - Raadselachtige doden in de Donbas - Eva Cukier - 14 februari 2017

Zich baserend op niet nader genoemde ‘experts’, ‘anonieme bronnen’ en twee opposanten weet Eva Cukier al waar men de daders voor die serie moorden in de Donbas moet zoeken. Neen, zeker niet bij de CIA maar uiteraard bij Poetin en zijn maatjes. Wat dacht je? Infantiele journalistiek dus.

Ook is Ilja Barabanov een opposant die in 2010 van de door de Franse regering gefinancierde ngo Reporters sans Frontières en het Franse staatspersbureau Agence France Press de Peter Mackler Prijs kreeg. Een lieveling van het Westen dus. Geen probleem maar men moet die man wel politiek correct situeren.

En dan is er die andere persoon die mevrouw Cukier opvoert als: ‘de Oekraïense analist Dmytro Snjehyrov’. Die wordt in Oekraïne onder meer omschreven als een ‘sociaal activist’ en blijkt ook een Oekraïense journalist te zijn die uitblinkt in ultranationalistische verhalen met als continue thema: Het verraderlijke Rusland en het ‘monster’ Poetin. Ook hier kleeft men er het neutrale woord ‘analist’ op terwijl men eerder van een tegen Rusland agerende politiek activist zou moeten spreken.

Volgens Cukier ziet Snjehyrov: “.. geen toeval in de moorden.” Waarna zij verder gaat stellende: “De dode commandanten beschikken over informatie over de rol van Moskou in het slepende conflict, en worden door het Kremlin mogelijk als risico gezien.” ‘Mogelijk’ dus. Of mogelijk niet? En welke informatie hadden ze dan? Ook dit is dus een gewoon uit de losse pols geschudde nergens door serieuze bronnen gestaafde bewering.

Een journalist hoort te berichten op een evenwichtige wijze met woord en wederwoord, meerdere bronnen te raadplegen en bij dergelijke zaken ook steeds een open geest te behouden. Hier is het simpel, op basis van niet genoemde ‘experts’, ‘anonieme bronnen’ en twee gekende tegenstanders van Rusland is het voor haar duidelijk: ‘De dode commandanten wisten meer over de rol van Moskou in het conflict.

Zou het bijvoorbeeld ook niet simpelweg kunnen dat gezien het aantal doden er hier sprake is van meerder motieven voor die moorden en dus meerdere daders? Het is maar een van de mogelijkheden natuurlijk. En ook in zwaar bewaakte plaatsen kunnen er aanslagen gebeuren. Heeft mevrouw bijvoorbeeld ooit gehoord van de moord op president J.F. Kennedy? Of de vrij recente bomaanslag op een politiekantoor in het zeer sterk bewaakte Damascus?

Maar dit soort journalistiek is ergerlijk genoeg verre van het enige voorbeeld waaraan de NRC en de andere Westerse massamedia zich schuldig maken. Het artikel doet mij trouwens denken aan die ‘schokkende’ rapporten over Syrië van Human Rights Watch en Amnesty International die, gebaseerd op niets anders dan opposanten en anonieme bronnen, de zwaarst mogelijke beschuldigingen uiten aan het adres van de regering in Damascus.

Willy Van Damme

Intercommunales–Transparantie, perceptie en sensatie

Kenners van de media weten dat het nieuws dat de media elke dag brengen veelal zorgt voor wat sommigen de waan van de dag noemen. Kranten brengen die feiten die men geschikt acht, verkoopbaar zijn – kranten zijn nu eenmaal commerciële producten – en passen binnen het politiek beleid van vooral dagbladen die in de debatten veelal de toon zetten. De rest wordt aan het publiek weerhouden. Zij zorgen voor wat die waan van de dag’ is. Vandaag is het groot nieuws, overmorgen is het vergeten.

Koen Kennis en Tom Balthazar

De huidige heisa rond intercommunales is hiervan een heel goed voorbeeld. Het Laatste Nieuws en zusterkrant De Morgen willen in navolging van de Waalse herrie rond Publifin ook hier eens kijken of er geen ‘schandaal’ te rapen valt.

Dat ze daarbij eerst naar Gent en de SPA kijken is hierbij natuurlijk geen toeval. Men had bijvoorbeeld de N-VA, Koen Kennis en Antwerpen kunnen nemen. Die schepen Koen Kennis (N-VA) blijkt immers veel meer te ‘rapen’ dan Tom Balthazar, de SPA en Gent. Maar neen, men kiest voor Gent.

Tom Balthazar - 3

Tom Balthazar is het slachtoffer van een gerichte campagne vanuit de liberale krantengroep Van Thillo.

Bovendien zijn er bij Publipart 17 beheerders en rept men in die kranten maar over twee figuren uit een stad. Geen toeval natuurlijk. Wie anders denkt is oeverloos naïef. En dan begint men bij die krantengroep een dossier samen te stellen dat voldoende smeuïg is om zoveel als mogelijk schade aan te richten in Gent.

En wat doet men? Men begint te liegen over chemische wapens en om een graaicultuur te insinueren gooit men alle vergoedingen van de 17 bestuurders, bruto en op jaarbasis op een hoopje. En dan komt men aan een mooi bedrag van een goeie 300.000 euro. Lekker!!

Maar wie op maandbasis, per bestuurder en netto kijkt ziet al iets heel anders. Dan blijkt dat maar een 800 euro te zijn. Graaicultuur? Maar met zo’n bedrag kan een krant natuurlijk geen schandaalsfeer creëren. En dus blaast men alles buiten proporties op.

Het doet denken aan hoe De Morgen eerder de zaak van nu ex-minister van Financiën Steven Vanackere (vakbondsvleugel CD&V) en die van de NV Optima met Gents burgemeester Daniel Termont (SPA) aanpakte.

IMG_9384

Via een dagenlange en gerichte campagne vol van insinuaties velde De Morgen Steven Vanackere, man van de vakbondsvleugel in CD&V. Nadien konden de andere patronale vleugels van die partij al de postjes in de nadien gevormde federale regering opvullen. Na die politieke moord verdwenen de twee daders bij die krant. Een is nu hoofdredacteur duiding bij de VRT. 

Want daar komt het bij Het Laatste Nieuws en De Morgen op aan. Niet de informatie telt maar het creëren van de perceptie van een schandaal. En dus spreekt men niet van 800 euro maar van meer dan 300.000 euro en voegt er nog vlug die leugen van chemische wapens aan toe. Waarom? Om zo de Groenen nog meer op stang te jagen natuurlijk en het Gentse kartel van SPA en Groen uit elkaar te spelen. Erg simpel en zo doorzichtig.

Transparantie

En dan begint men daarna te zeuren over een gebrek aan transparantie om zo de schandaalsfeer verder op te voeren. Waarom roepen om een nood aan meer transparantie? Voor SPA-voorzitter John Crombez was het een doorzichtig verdedigingsmechanisme om de rest der partijen mee in bad te trekken. Logisch dus.

Maar voor de kranten? Merkwaardig. Men gooit op pagina 1 tot in de kleinste details de vergoedingen bij Publipart van een Balthazar op tafel en dan komt men meer transparantie eisen. Als er geen transparantie zou zijn dan kon men die vergoedingen toch niet te weten zijn gekomen.

Het is dan ook onzin. Er is het Staatsblad, de Nationale Bank en de websites van die intercommunales, steden en gemeenten. En er is de openbaarheid van bestuur en de verplichting van politici om alle mandaten bekend te maken. Men kan er mits wat zoeken dan ook zowat alles vinden. Er is dus niet echt nood aan meer transparantie maar aan correctheid bij de media. Dat is het echte probleem.

Een lokaal mandataris en topbestuurder in het kluwen van de vele intercommunales stelde het gisteren in een gesprek zo: “Straks moeten wij in het kader van de transparantie nog onze belastingbrief gaan publiceren.” Als er in deze zaak al een schandaal is dan is het er een van bepaalde media die om politieke reden een leugenachtig dossier samenstelden. Dat ze daarbij de antipolitiek promoten is voor die dagbladen blijkbaar geen enkel probleem.

Leona Detiège - 4

In 2003 voerde de Gazet van Antwerpen een dagenlange mediacampagne tegen toenmalig Antwerps burgemeester Leona Detiège en haar bestuurders die men voorstelde als een stelletje dieven die voor persoonlijk profijt de stadskas misbruikten.

Gans de zaak roept daarom herinneringen op over dat andere grote ‘schandaal’, de Visa-affaire in Antwerpen met de Gazet Van Antwerpen die op dezelfde manipulatieve wijze de indruk creëerde dat het toenmalige Antwerpse schepencollege van burgemeester Leona Detiège (SPA) bestond uit een bende dieven. Achteraf bleek de zaak op niets uit te draaien. Met een Gazet Van Antwerpen die zich achteraf niet eens verontschuldigde voor die erg lasterlijke aantijgingen. Typisch.

Willy Van Damme

Salafisme is racisme

Er is in de Belgische politiek en zelfs de media eindelijk een discussie ontstaan over het gevaar van het in ook België succesvolle salafisme (1). Waarbij de centrale rol van Koeweit, Qatar en Saoedi-Arabië in deze zaak eveneens ter sprake komt. Jaren te laat maar het is er en dus moet men blij zijn.

Saoedi-Arabië de wacht aanzeggen

Het aanpakken hiervan is echter geen gemakkelijke zaak. Zo is er natuurlijk het essentiële gegeven van de vrijheid van meningsuiting en de daaraan gekoppelde godsdienstvrijheid. En dat dienen we uiteraard ten alle koste te respecteren, te koesteren.

Maar zoals alle vrijheden is niets absoluut. Zo kan die vrijheid van meningsuiting botsen met andere voor deze samenleving cruciale zaken. Zo mag men niet zomaar iemand in de media zonder bewijs beschuldigen een moordenaar, verkrachter of dief te zijn. En dat men niet mag oproepen tot moorden is ook nogal duidelijk. Hetzelfde voor racistische beweringen. Respect voor de persoonlijke integriteit van mensen is immers essentieel.

Peter De Roover - 5

Peter De Roover moest op 26 november 2015 hoogstnodig op de website van Knack in een opiniestuk de verdediging opnemen van Saoedi-Arabië. Parlementair medewerkster Els Van Doesburg deed het hem voor op 22 september 2015. Ook heeft vicepremier en minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon, eveneens van de N-VA, geen problemen met de link tussen de Grote Moskee in Brussel en Saoedi-Arabië. Laat ze maar komen de predikanten van de haat.

Het is dus een zaak om bij het bestrijden van dit reëel gevaarlijk salafisme voorzichtig te zijn. Maar mogelijkheden om op te treden zijn er wel. Zo gebeurt het rekruteren van nieuwe zieltjes voor dit salafisme veelal via schimmige vzw’s die vanuit landen als Koeweit en Saoedi-Arabië worden geleid.

Velen zijn wettelijk niet eens in orde. Hier kan simpel nazicht soelaas geven. Ze ontbinden is een eerste stap in de strijd tegen dit gevaar. Verder kan men via de EU bijvoorbeeld satellietzenders uit de lucht halen die via Europese satellieten hun gif verspreiden. Men deed dat bijvoorbeeld met pro-Syrische regeringszenders maar van al die salafistische televisiestations bleef men tot heden af. Opvallend!

Verder zijn een aantal salafistische organisaties in België nog steeds niet verboden zoals Hizb Ut Tahrir en de Moslimbroeders. De eerste is wel in enkele landen van de EU zoals Duitsland verboden maar opereert open en bloot in o.m. Brussel. De Moslimbroeders heeft dan  weer de openlijke steun van het Verenigd Koninkrijk. Dat mag echter voor ons geen enkel belet zijn om ze wel te verbieden.

De N-VA

En uiteraard dienen onze veiligheidsdiensten al die geldstromen en de eraan verbonden figuren in kaart te brengen en op te volgen. Met eventueel gerechtelijke gevolgen bij gevallen van bijvoorbeeld witwassen of verbanden naar andere vormen van criminaliteit. Een immense grote taak waarvoor onze overheid dan maar de nodige extra middelen moet voorzien. Onze veiligheid en maatschappelijke stabiliteit is nu eenmaal essentieel.

Verder lijkt mij zware diplomatieke druk op die landen van het Arabisch schiereiland gepast. Men moet hen duidelijk maken dat het verspreiden van dit gedachtengoed gezien wordt als een voor ons land zeer vijandige daad die zijn consequenties heeft.

Waarom bijvoorbeeld de link tussen de Grote Moskee in Brussel en Saoedi-Arabië niet doorknippen? Jan Jambon (N-VA), minister van Binnenlandse Zaken en vice-premier, ziet hier echter geen probleem.

Yousuf al Qaradawi - 1

De Egyptische predikant Yusuf Qaradawi is zowat de topideoloog van de moslimbroeders en een der belangrijkste figuren binnen het salafisme. De man leeft in ballingschap in Qatar. Tot Saoedi-Arabië protesteerde zat de man elke week te prediken op de Qatarese Arabischtalige televisiezender Al Jazeera. Deze zender is te bekijken via het kabelnetwerk van Belgacom, een overheidsbedrijf. En dan maar verschieten dat mensen hier onder invloed van die sekte komen. De man roept o.m. op om alle vijanden van het salafisme te vermoorden. Daar hij op zeker ogenblik wegens de toestand in Egypte ook Saoedi-Arabië aanviel trad men daar echter op.

Onderzoeken van o.m. Raf Sauviller in Humo tonen echter het omgekeerde aan. En is het een toeval dat o.m. N-VA fractieleider in de Kamer Peter De Roover en Els Van Doesburg, een parlementaire medewerkster van die partij, vorig jaar op www.knack.be Saoedi-Arabië zaten te verdedigen?

Verder is het voor elke onderzoeker toch duidelijk dat salafisme gelijk staat met racisme. Salafisten zijn er van overtuigd dat anderen, ook moslims, minderwaardig zijn en daarom moeten aangepakt worden. En zodra men sterk genoeg is hoort daar geweld bij. De bewijzen hiervoor zijn enorm. Men hoeft hun geschriften maar te lezen of hun praktijk in die landen waar ze ietwat sterk staan. Hun terreur slaat hier trouwens al toe.

Racismewetgeving

Beweringen van o.m. een Fouad Belkacem dat België moet islamitisch worden en dat dit gevolgen zal hebben voor onze samenleving zijn toch duidelijk. Zij willen desnoods met alle middelen een islamofascistisch regime installeren. En dus heeft onze overheid in wezen hier een middel om dit salafisme gerechtelijk aan te pakken. En dat is simpelweg de racismewetgeving.

Haatpredikanten moet men dus niet het land uitzetten om dan elders haat te laten zaaien maar omwille van de racismewetgeving naar een cel verwijzen. Desnoods wijzigt men de wetten als een gevolg van de maatschappelijke evolutie.

Ook moet het gedaan zijn met het steunen van salafistische groepen in Libië, Syrië of waar ook. Mensen als een Rik Coolsaet die Syriëstrijders ooit op televisie idealisten noemde dienen met de vinger gewezen.

En dus is er ook een grote rol voorzien voor onze media die volop moeten wijzen naar dit gevaar. Dat gebeurt echter niet of onvoldoende. Belgische Syriëstrijders beschrijft een blad als De Morgen als staatsgevaarlijk, maar diezelfde Syriëstrijders worden zodra zij niet-Europees zijn in de krant dan plots ware helden.

Sterven doen we sowieso toch - Pagina 1 - 14 december 2016 - De Morgen

Dat De Morgen al Qaeda & Co steunt bewijst deze voorpagina van 14 december vorig jaar voluit. De Amerikaanse Syriëstrijder Bilal Abdul Kareem, gelieerd aan al Qaeda, kon het er allemaal eens komen uitleggen over wat er in Aleppo juist gebeurde. De Syriërstrijder als held. Ook andere Westerse massamedia namen gretig zijn discours over.

Zie maar hoe die krant een zekere Amerikaan Bilal Abdul Kareem bij de bevrijding van Aleppo eind vorig jaar omtoverde tot een ware held die daarom navolging verdiende. De man, een grote fan van al Qaeda riep al herhaaldelijk moslims op om aan de zijde van al Qaeda in Syrië te komen vechten. Zolang onze kranten zich daaraan bezondigen raakt men natuurlijk nergens. De hoofdredacties hierop wijzen lijkt mij dringend nodig.

Tandeloze motie

Verder is het best hallucinant te noemen dat men vanuit de Open VLD met Annemie Turtelboom in het parlement een motie laat stemmen waarin men de regering oproept om op te treden tegen het salafisme. Een onzinnige en onnodige motie. Groen, Vlaams Belang en de SPA, via voorzitter John Crombez, zeggen te willen optreden tegen dit salafisme. Eindelijk en goed zo. Maar zo’n motie is pure waanzin. Harde maatregelen zijn er nodig en geen praatjes voor de vaak.

Onze houding tegenover Saoedi-Arabië moet zeker ook veranderen. Dat FN dan geen wapens meer verkoopt aan Saoedi-Arabië is zeer spijtig voor dat bedrijf, maar onze nationale veiligheid heeft voorrang.

Ik moet hier wachten op mijn dood - 14 demcember 2016 - De Morgen - 1

Ook binnen de krant kon Bilal Abdul Kareem het nog eens allemaal uitleggen. Over zijn praktijken en connecties met al Qaeda echter geen woord. En een kritische vraag kon er ook al niet af. Al Qaeda & co gijzelden zoals na de bevrijding duidelijk werd in hun deel van Aleppo een 100.000 burgers. Daarover bij De Morgen geen enkel woord.

Dat onze koning bij het overlijden van de vorige Saoedische koning ginds zijn medeleven ging betuigen was totaal misplaatst en had nooit toegelaten mogen worden. Uiteindelijk is dit land niet alleen door en door corrupt en een brutale dictatuur maar ook een ondermijner van onze samenleving. In wezen voert het dus zelfs oorlog tegen ons. Een gepast antwoord is dan ook meer dan nodig en dus zeker geen koningsbezoek.

Laat een stel specialisten het salafisme ontmaskeren tot wat het is en die verspreiders van deze vorm van fascisme voor de rechtbank brengen. Het is gewoon een racistische versie van de islam die men met alle middelen moet bestrijden. Waarbij gewone moslims onze beste bondgenoot zijn. Hen hierbij nauw betrekken is dan ook essentieel. Want zij zijn nog meer het slachtoffer van deze nieuwe vorm van fascisme dan wij niet-moslims.

Willy Van Damme

1) Op de VRT had men het de voorbije dagen herhaaldelijk over het ‘wahhabistisch salafisme’. Een onzinnige term die klinkt zoals fascistisch nazisme. Wahhabisme is de term die men in het Westen gaf aan de Saoedische versie van de islam.

Hij komt van een predikant uit de achttiende eeuw genaamd sjeik Mohammed ibn Abdul al Wahhab (1703-1792, Uyainah – al-Dir’yah – beiden voorsteden van Riyad, hoofdstad van Saoedi-Arabië), de zoon van een rechter wiens versie van de islam overgenomen werd door de stam van de Saoedi’s de Annazah, toen een van de serie stammen die onder de Ottomaanse bezetting op het Arabisch schiereiland woonden.

Met Britse steun wist die in de twintigste eeuw haar gezag over het Arabisch schiereiland te vestigen waarbij zij die interpretatie van de islam tot de staatsgodsdienst maakten. Toen het Huis van Saoed dankzij de olie schatrijk werd begon zij met de wereldwijde verspreiding van deze versie van de islam. Miljarden euro’s werden hier al aan uitgegeven.

Bilal Abdul Kareem - 4

Bilal Abdul Kareem op ‘reportage’. Hier in december vorig jaar in Aleppo in gesprek met een met o.m. een bommengordel gewapende salafist. Hij is zowat de vaste interviewer van de top van de Syrische al Qaeda. Via zijn websites roept hij regelmatig moslims op om in Syrië te komen vechten. Een held voor De Morgen. Je kan hem volgen op http://www.bilalabdulkareem.com/, https://twitter.com/bilalkareem?lang=nl, https://www.facebook.com/bilal.a.kareem/ en http://ogn.news/. Een bezig baasje dus. De man leeft al jarenlang in het Midden-Oosten. Voor zijn fratsen in Syrië vooral in Qatar.

Op vraag van de VS en met akkoord van Israël werd dit vanaf 1979 omgevormd tot een terreurbeweging die al honderdduizenden levens eiste, in essentie moslims. Het is de gewapende arm van de Saoedi’s en de VS.

In het westen noemde men dit dus wahhabisme maar die term is voor de volgelingen van die visie op de islam godslasterend. Immers volgens die interpretatie zijn alleen de geschriften van de eerste drie generaties na Mohammed heilig en is de rest heiligschennis. Daarom dat zij voor zichzelf soms de term salafisten gebruiken, de zuiveren van de leer en komt van de Arabische term al salaf al salih, de vrome voorvaders.

Uiteraard zijn er bij de vele salafistische groepen grote verschillen. Het zijn bijvoorbeeld ook opportunisten en hypocrieten. Zo zijn veel leden van het Huis van Saoed betrokken geweest bij grootschalige drughandel en wordt het land door sommige waarnemers gezien als de grootste invoerder van drugs als XTC en captagon.

En tot de jaren dertig van de vorige eeuw was alcohol zelfs toegelaten. Nu wordt het alleen stiekem gebruikt. Hetzelfde doet zich trouwens voor in Iran dat volgens de Wereldgezondheidsorganisatie een der grootste consumenten is van alcohol, zelfs voor Duitsland.

Afbeeldingsresultaat voor Mohammed abdul Wahhab

Vanaf 1740 predikte sjeik Muhammad bin Abdul al Wahhab in de regio van het huidige Riyad de opstand tegen de volgens hem afvallige Ottomaanse heersers die in zijn visie het rechte pad van het geloof hadden verlaten. Wat van pas kwam voor emir Muhammad bin Saoed die toen in onvrede leefde met de Ottomanen die in die periode heersten over het grootste deel van het Arabisch schiereiland. In 1747 schaarde het Huis van Saoed zich achter de leer van Wahhab en kwam in opstand. Dit mislukte zoals ook de tweede opstand faalde. Pas met Britse hulp slaagde het Huis van Saoed met een strijd die duurde van 1902 tot 1936 in hun machtsgreep. De gevolgen kennen wij.

Ook elders bij andere salafistische groepen is men op dit vlak zeer ‘soepel’. Zo is het een publiek geheim dat al die salafistische terreurgroepen in Syrië op grote schaal captagon gebruiken om hun soldaten zo urenlang te kunnen laten vechten. En dan was er de taliban die tien jaar lang van hun Afghanistan ‘s werelds grootste producent van opium en heroïne maakten.

Verder zijn er onder salafisten nogal wat verschillen in visie op wat voor hen maatschappelijk aanvaardbaar is en wat niet. Zo laat Saoedi-Arabië op beperkte schaal andere interpretaties van de islam toe zoals het sjiïsme. Dit terwijl die door onder meer al Qaeda, de taliban en ISIS normaal brutaal worden vermoord. Het is trouwens een van de grote discussiepunten tussen het Huis van Saoed en andere salafistische groepen.

Uiteraard zijn niet alle salafisten gewapende terroristen maar hun visie op de samenleving is wel steeds een racistische. En de stap van een simpel extremistische versie van de islam naar terreur is zo gezet.

Journalistieke deontologie, Walter Zinzen en Bashar al Assad

Reactie op de vrije tribune ‘Met de muilkorf aan de leiband’ van Walter Zinzen in De Standaard van vandaag 9 februari.

Walter Zinzen heeft een wel heel merkwaardige visie op de journalistiek. Er zijn in ogen de ‘goeden’ en die laat je aan het woord, en er zijn de ‘slechten’, in zijn ogen dictators en massamoordenaars, en die laat je nooit aan het woord. Heeft die man ooit al gehoord van journalistieke deontologie? Zinzen lapt er zijn laars aan.

Maar dat hij luidkeels protesteert tegen het interview met Assad maar al zes jaar zwijgt over de honderden interviews die in onze media verschenen met allerlei salafistische vechtersbazen is voor hem nog nooit een probleem geweest.

Blijkbaar wil Zinzen dus van Syrië een soort salafistische hemel maken. Dat kan hij dan voor wat interviews wel bezoeken. Hij moet dan wel zien dat hij bij de terugkeer ook zijn hoofd meeneemt. Desnoods in een aparte zak.

Willy Van Damme

P.S.: In 1983 verwittigde ik telefonisch Walter Zinzen bij de toenmalige BRT over de praktijken van de vroegere Gentse professor toxicologie Aubin Heyndrickx. Hij lachte het weg stellende dat de man zoals steeds ook hier wel gelijk had met zijn beweringen over biologische oorlogvoering in Laos en Cambodja door de Sovjetunie. Een fantasierijk verhaal komende uit Washington en in België gebracht door die man, een fraudeur.

Panorama, het televisieprogramma van Zinzen, liet Heyndrickx na mijn gesprek uitgebreid aan het woord over die lasterlijke onzin zonder ook maar een kritische vraag te stellen. Had hij de zaak toen serieus en dus kritisch bekeken dan had hij geweten wie die man echt was, zijnde een viezerik, smeerlap en wetenschappelijk een idioot. Het voorval typeert Zinzen. Wie denkt dat de huidige journalistiek slechter is dan vroeger is dus fout.

Hysterische prietpraat van Corry Hancké in De Standaard

Dat Uw redacteur wanneer ze bericht over Rusland niet zelden de pedalen helemaal kwijt raakt bewijst ze nogmaals ten volle in haar stuk vandaag: ‘De wereld op zijn Russisch’. Daarin schrijft zij: “het lijden van de bevolking wordt niet in beeld gebracht, of het wordt afgeschilderd als Westerse propaganda.” Het is een verklaring die best wel hilarisch kan genoemd worden.

Recent nog berichten, om maar een van de duizenden voorbeelden te noemen, zowel RT als de Syrische media uitvoerig over het saboteren door de Syrische jihadisten van de watertoevoer naar de ongeveer 5 miljoen inwoners van de regio van Damascus. Wat voor grote humanitaire problemen zorgde. Hierover echter in onze massamedia amper een woord.

Verder is zij van oordeel dat RT de Syrische regering niet verantwoordelijk stelt voor de aanvallen met chemische wapens. Voor haar een voorbeeld van partijdigheid. Daar ik dit probleem op de voet volg en tot heden voor die beweringen over dit chemisch wapengebruik nog geen begin zelfs van een bewijs zag zou ik dan graag van haar die bewijzen wel krijgen.

Verder ben ik over die zaak enkele malen op RT aan het woord geweest en heb daar de zaak besproken. Hierbij kwamen de beschuldigingen ruim aan het woord. Met een analyse van die beweringen, een bespreking van de vele documenten en de ontkenningen.

Mevrouw Hancké bewijst hier nogmaals dat ze niet bezig is met verslag uit te brengen maar in het verspreiden van leugens op het hysterische af.

Willy Van Damme

Lezersbrief naar De Standaard naar aanleiding van het artikel van Corry Hancké ‘De wereld op zijn Russisch’ in de krant van vandaag 30 januari. In 1983 beweerde dit dagblad op basis van beweringen van Aubin Heyndrickx, de toenmalige professor in de toxicologie (Universiteit Gent), dat de Sovjetunie op grootschalige wijze biologische wapens gebruikte in Laos en Cambodja.

Een pak leugens komende van Washington zoals nadien is gebleken. Ook toen al geloofde trouwens geen enkel serieus wetenschapper waar ook die beweringen. Aubin Heyndrickx was toen hij die verklaringen deed zelfs de risee van de wetenschappelijke wereld.

De man werd enkele jaren later – zijn gerechtelijke bescherming was wegevallen – wegens fraude bij het uitoefenen van zijn beroep meermaals veroordeeld en zelfs zijn titel van professor afgepakt. 

De toenmalige hoofdredacteur Lode Bostoen weigerde echter in die periode enige kritische opmerking over die beweringen te publiceren. De Standaard is qua niveau nog niets veranderd. Integendeel zelfs, elke kritische stem op de redactie buitenland die er toen was werd buiten gegooid en vervangen door pennenlikkers die vooral uitblinken in het overschrijven van Amerikaanse propaganda.

En dan is men verbaasd dat onze media nog amper over enige geloofwaardigheid beschikken. Een probleem dat ze alleen aan zichzelf te danken hebben. En om dat probleem van een gebrek aan geloofwaardigheid aan te pakken zorgt men niet voor een meer professionelere journalistiek maar begint men met het verkopen van hysterische prietpraat over de ‘tegenstander’, de vijand. Zielig.

The New York Times en Russische sportdoping

Merkwaardig hoe een krant als The New York Times zich in de Russische dopingkwestie in de kijker werkte. In zeker geval was het die krant die de zaak tegen Rusland definitief op gang trok. Ditmaal echter lijkt ze zich met een verhaal van Rebecca R. Ruiz (1), haar correspondent in Moskou, verbrand te hebben met beweringen die zij zo te zien niet kan hard maken. Zwijgen lijkt voor de krant het alternatief te zijn.

Rebecca R. Ruiz citeert

In een interview dat Rebecca R. Ruiz over meerdere dagen deed met verantwoordelijken van het Russische antidopingprogramma voerde stelde de krant op 28 december dat Rusland voor het eerst toegaf dat het actief betrokken was bij een dopingprogramma voor haar atleten bij de Olympische Spelen. ‘Russians No Longer Dispute Olympic Doping Operation’, kopte de krant (Russen betwisten niet langer een operatie voor het dopinggebruik bij de Olympische Spelen).

Rebecca Ruiz - A

Rebecca R. Ruiz dacht een primeur te hebben toen ze kopte dat Rusland institutioneel dopinggebruik toegaf. Maar die ontkenden en daartegen had zij amper verweer. Vals spel?

Een verhaal dat gezien de straffe titel wereldwijd werd overgenomen. In onze kranten zonder veel serieus wederwoord. Maar wie het verhaal kritisch leest wordt echter achterdochtig. Blijkt dat die tittel feitelijk nergens door de inhoud van het artikel bewezen wordt.

Al de hier ter zaken doende citaten uit het verhaal van Rebecca R. Ruiz in The New York Times:

Russia is for the first time conceding that its officials carried out one of the biggest conspiracies in sports history: a far-reaching doping operation that implicated scores of Russian athletes, tainting not just the 2014 Winter Olympics in Sochi but also the entire Olympic movement.

Rusland heeft voor de eerste maal toegegeven dat zijn ambtenaren betrokken waren bij een van de grootste samenzweringen uit de geschiedenis van de sport. Een verreikende dopingoperatie die zeer veel Russische atleten en niet alleen de Olympische Winterspelen in Sotsji (een Russische badplaats, nvdr.) maar de ganse Olympische beweging in een slecht daglicht plaatste.

Over several days of interviews here with The New York Times, Russian officials said they no longer disputed a damning set of facts that detailed a doping program with few, if any, historical precedents.

Gedurende een over verscheidene dagen lopende serie interviews met The New York Times stelden Russische ambtenaren dat ze niet langer de zware feiten betwisten betreffende een dopingprogramma dat in de geschiedenis zijn weerga niet heeft.

“It was an institutional conspiracy,” Anna Antseliovich, the acting director general of Russia’s national antidoping agency, said of years’ worth of cheating schemes, while emphasizing that the government’s top officials were not involved…..

“Het was een institutionele samenzwering”, aldus Anna Antseliovich, de waarnemende directeur-generaal van het Russische antidopingagentschap, over het jarenlange bedrog. Daarbij wel stellende dat de regering niet betrokken was….

The officials, however, continue to reject the accusation that the doping program was state-sponsored. They define the Russian state as President Vladimir V. Putin and his closest associates.

Deze ambtenaren blijven echter ontkennen dat het dopingprogramma georganiseerd was door de overheid. Waarbij zij de overheid definiëren als president Vladimir Poetin en zijn nauwste medewerkers.

Ms. Antseliovich, who has not been directly implicated in the investigations, said she was shocked by the revelations….

Anna Antseliovich

Anna Antseliovich, waarnemend directeur-generaal van RUSADA, stelde dat Rebecca R. Ruiz haar woorden had verdraaid en totaal uit de context gehaald.

Mevrouw Antseliovich, die niet direct betrokken was bij deze onderzoeken, stelde dat zij geschokt was door de onthullingen.

Vitaly Smirnov, 81, a top sports official whose career dates to the Soviet era and who was appointed this year by Mr. Putin to reform the nation’s antidoping system, said he did not want “to speak for the people responsible.” Mr. Smirnov said he had not met most of the individuals implicated in a report by Mr. McLaren — emphasizing that they had been dismissed as a result — nor did he know where they were.

Vitaly Smirnov, 81 jaar oud, een topman voor sport wiens carrière teruggaat tot de periode van de Sovjetunie en die door Poetin benoemd werd om het antidopingsysteem te hervormen, stelde dat hij: “niet wil spreken namens de verantwoordelijken”. Smirnov stelde dat hij diegenen die in het rapport van McLaren genoemd werden niet had ontmoet – waarbij hij nog stelde dat diegenen die genoemd werden ook ontslagen zijn – en dat hij ook niet wist waar ze verbleven.

“From my point of view, as a former minister of sport, president of Olympic Committee — we made a lot of mistakes,” he said, echoing Mr. Putin’s broad denials…..

“Vanuit mijn standpunt als een gewezen minister voor Sport en voorzitter van het Olympisch Comité gezien is het zeker dat wij veel fouten maakten”, stelde hij (Smirnov, nvdr.). Daarbij de ontkenningen van Poetin herhalend.

“We have to find those reasons why young sportsmen are taking doping, why they agree to be doped,” Mr. Smirnov said,….

“We moeten de reden zoeken waarom jonge sportlui doping nemen en waarom zij akkoord gingen om zich te laten doperen”, aldus nog Smirnov….

RUSADA reageert

De journaliste interviewde dus gedurende meerdere dagen die Russische specialisten en haalde er amper citaten uit. Een ZEER pover resultaat. En bovendien kan de titel van haar verhaal alleen gebaseerd zijn op de vijf woorden toegeschreven aan Anna Antseliovich, de dienstdoende directeur-generaal van RUSADA. Zijnde:’It was an institutional conspiracy”.

Rusada

RUSADA, het Russische antidopingagentschap, werd geleid door Grigory Rodchenkov die speciale cocktails ontwikkelde die dopinggebruik konden maskeren. En met die gegevens perste hij volgens de beschuldigingen dan atleten af.

Maar iedereen die dit nauwgezet leest ziet dat die vijf woorden komen uit een grotere zin en bijna zeker ook uit een nog grotere analyse van de feiten. Het uit de context rukken van die vijf woorden lijkt dan ook goed mogelijk en zelfs heel waarschijnlijk.

Het is bovendien een in de journalistiek veelvuldig gebruikte techniek. Men laat beide partijen onder het mom van objectiviteit wel aan het woord maar zorgt ervoor dat de citaten van de ene partij gemakkelijk foutief te interpreteren zijn, zeker in het geheel van het gebrachte verhaal. Een klassieke truc van als journalisten vermomde moddergooiers.

Reeds de volgende dag reageert men onder meer bij RUSADA, het Russische antidopingagentschap, stellende dat men de woorden van hun baas Anna Antseliovich bewust had gemanipuleerd.

Typerend is dan de wijze waarop Reuters (2), het Brits-Canadees persbureau, dit verhaal brengt. Reuters geeft wel de reactie van RUSADA maar brengt helemaal geen duidelijkheid over wat er volgens het Russische agentschap dan fout was aan het verhaal van Rebecca R. Ruiz.

Men liet het (bewust?) vaag. Het stuk verscheen bij de krant bovendien alleen op de website maar niet in de krant.  Een ontkenning van een voor de krant topverhaal wordt niet afgedrukt! Merkwaardig toch en minstens zeer onprofessioneel. De krantenlezers zouden eens het wederwoord kunnen opmerken en wat dan?

Reuters:

Russia’s anti-doping agency RUSADA said on Wednesday it had not admitted to mass doping in the country’s sports system and that a report in the New York Times which suggested it had was a distortion of its position.

Ruslands antidopingagentschap RUSADA stelde woensdag dat het niet had toegegeven betrokken te zijn bij het dopingsysteem in het land en dat een verslag in The New York Times dat dit had geïnsinueerd een verdraaiing was van hun standpunt.

The U.S. newspaper reported earlier on Wednesday that RUSADA officials had for the first time admitted there had been an organized conspiracy to dope in Russia.

De Amerikaanse krant had eerder op woensdag geschreven dat topfiguren van RUSADA voor het eerst hadden toegegeven dat er sprake was geweest van een georganiseerde dopingsamenzwering in Rusland.

It cited Anna Antseliovich, the acting director general of RUSADA, as making the admission in an interview. “It was an institutional conspiracy,” it cited her as saying. She said top officials had not been involved.

Het citeerde Anna Antseliovich, waarnemend directeur-generaal van RUSADA, als zou zij dit tijdens een interview hebben toegegeven. “Het was een institutionele samenzwering” aldus het citaat in de krant. Zij stelde daarbij dat topfunctionarissen hierbij niet betrokken waren

Uit zijn contextGrigory Rodchenkov - 4

Grigory Rodchenkov, volgens het eerste rapport van het WADA van eind 2015 een zware crimineel die dopingsystemen ontwikkelde die men niet kon ontdekken. Nadien de kroongetuige voor het WADA en The New York Times.

Maar waar was de manipulatie volgens Rusland dan juist? Dat zegt Reuters ons echter dus niet. Daarvoor moeten we naar RT (3) gaan, de Russische Engelstalige nieuwszender. En hier klinkt het zo:

“The words of the acting Director General, Anna Antseliovich, have been distorted and taken out of context,” the statement issued by RUSADA says.

“De woorden van waarnemend directeur-generaal Anna Antseliovich werden verdraaid en uit hun context gehaald”, aldus een verklaring van RUSADA.

No The agency went on to explain that Antseliovich was actually just drawing attention to the fact that Richard McLaren, the Canadian lawyer who compiled a report detailing the results of an investigation into doping allegations against Russia, used the words “institutional conspiracy” instead of “state doping system” in his latest December 9 report.

Neen, het agentschap stelde dat Antseliovich feitelijk aandacht trok op het feit dat Richard McLaren, de Canadese jurist die een rapport opmaakte met de details over zijn onderzoek naar de beschuldigingen over doping in Rusland, in zijn laatste rapport van 9 december de woorden ‘institutionele samenzwering’ had gebruikt en niet had gesproken over een ‘staatsdopingsysteem’.

At that time, McLaren said at a news conference that “it was a cover-up that evolved from uncontrolled chaos to an institutionalized and disciplined medal-winning conspiracy.”

Toen (9 december nvdr.) stelde McLaren tijdens een persconferentie dat: “het een bedrog was dat evolueerde van een ongecontroleerde chaos tot een geïnstitutionaliseerd strak gecontroleerde samenzwering om medailles te winnen.”

Antseliovich stressed that McLaren ruled out the possibility of the involvement of the Russian leadership in the alleged doping program but she never confirmed the existence of any “institutional conspiracy,” the RUSADA statement emphasizes.

Antseliovich stelde daarbij dat McLaren de mogelijkheid van betrokkenheid van de Russische overheid bij de zaak uitsloot. Nooit bevestigde zij echter het bestaan van een ‘institutionele samenzwering’, aldus nogmaals RUSADA .

Het zou voor Rebecca R. Ruiz en The New York Times erg gemakkelijk zijn om fors hierop te reageren en aan de hand van de bandopname van dat gesprek zwart op wit te bewijzen dat men in Rusland liegt. En dat op hun website zetten is poepsimpel. Wat kan een krant als The New York Times nog meer wensen om haar campagne tegen Moskou en Poetin extra schwung te geven?

Crimineel wordt betrouwbaar

In navolging van de Amerikaanse regering voert zij immers al jaren een harde pershetze tegen het land. Het was uiteindelijk deze krant die Grigory Rodchenkov, de naar de VS gevluchte in opspraak geraakte vroegere baas van RUSADA, interviewde. Wat de aanleiding was voor het WADA, het in Canada gevestigde antidopingagentschap, om er McLaren op af te sturen. Met voor Rusland op sportgebied zware gevolgen.

Maar noch de krant noch de journaliste maken die bandopnames echter bekend. Merkwaardig toch. Het enige wat Rebecca Ruiz doet is via Twitter drie berichten rondsturen waarin zij zegt dat ze bij haar verhaal blijft. Een uitermate zwakke verdediging.

Rebecca R. Ruiz - New York Times - Verhaal over Rusland en doping

Het povere antwoord van Rebecca R. Ruiz op de ontkenningen van RUSADA.

Terwijl De Tijd en De Standaard de ontkenningen van RUSADA wel brachten was dit voor De Morgen niet eens nodig. Alleen het verhaal van Rebecca R. Ruiz raakte in de krant. Het wederwoord niet. De krant is dan ook haantje de voorste om RT de propagandazender van Poetin te noemen.

Niet dat De Standaard, De Tijd en Het Laatste Nieuws de ontkenning door RUSADA op een degelijke manier brachten zodat de lezer enige duidelijkheid kreeg over de beschuldigingen heen en weer. Alleen De Standaard deed het hier wat beter en legde deels de door Rusada gebrachte context uit.

Wederwoord niet nodig

De vraag is ook wat de waarde is van de beschuldigingen die het Canadese WADA, het Wereld Antidoping Agentschap, uitte tegen Rusland. De website The Durand onderzocht de zaak. (4 & 5)

Zo werd Grigory Rodchenkov, de vroegere directeur van het Russische antidopinglaboratorium, in het eerste van november 2015 daterende rapport van WADA over de zaak omschreven als een groot misdadiger. Waarna die man in Rusland op staande voet werd ontslagen en men tegen hem een gerechtelijk onderzoek start.

Rodchenkov ontvlucht echter onmiddellijk Rusland en loopt over naar de VS waar hij met zijn verhaal naar de pers stapt – waarbij deze trouwens zijn crimineel handelen toegeeft – en zo naar WADA en de Canadese rechtsprofessor Richard McLaren. Die maakt in juli 2016 een voorlopig rapport dat in essentie gebaseerd is op diens beweringen en waar Rodchenkov plots wordt omschreven als een betrouwbaar persoon.

Waarbij McLaren in dat rapport zelf toegeeft dat zijn onderzoek wegens een gebrek aan tijd onvolledig is en hij een onderzoek in Rusland zelf of een Russisch wederwoord niet nodig vond. Voor een rechtsspecialist een zeer bizarre en onaanvaardbare stelling.

Het verhaal van Rodchenkov over de betrokkenheid van de Russische overheid is essentieel ook gebaseerd op de bewering dat de flesjes met urinestalen afkomstig van de Zwitserse firma Berlinger opengebroken waren en de stalen zo vervangen. Waarop Berlinger in een persbericht stelt dat die flesjes nooit ongezien kunnen opengebroken worden. (6)

Richard McLaren - 5

Alleen als Rusland zijn versie van de feiten aanvaard wil Richard McLaren met hen praten.

Nationaal prestige en geld

Dat sport soms meer met nationaal prestige en geld te maken heeft dan met het pure sportieve zou voor iedereen duidelijk moeten zijn. Ook dit verhaal toont dat perfect aan. De altijd zeer mooie woorden die sportbazen groot en klein bij elke gelegenheid vertellen zijn gewoon holle woorden. Leugens waarachter de hebzucht – niet zelden hun eigen – schuil gaat.

Sportlui willen via hun soms bijna bovenmenselijke prestaties centen verdienen en dat kan men hen niet kwalijk nemen. Het is hun beroep en veelal ook hun passie waarbij men soms op een paar jaar tijd voldoende moet verdienen om er voor de rest van hun leven te kunnen van genieten.

Wat wel duidelijk is is het feit dat het bij topsport in bepaalde gevallen om zo’n enorme bedragen gaat dat het voor de gewone buitenwereld schandelijk wordt. Bovendien gebruiken de grote landen sport ook om zich te profileren als DE natie. Dit is zo voor China, Japan, de VS, Rusland en het Verenigd Koninkrijk maar niet exclusief. Nationaal prestige heet dat.

En dat er hier continu sprake is van vals spel is daarom onvermijdelijk. Gokken op de eigen voetbalwedstrijden, pure omkoperij, wonderdokters met ‘speciale’ preparaten en zwartgeldcircuits, het vormt er allemaal een onderdeel van. Dat Russische atleten dus soms bedriegen is een zekerheid en ook bewezen.

Evenmin mag het verbazen dat Rusland dit, al of niet oogluikend, tolereerde. De Russische president Vladimir Poetin is zelf een sportman en ziet sport als belangrijk voor ‘s lands prestige. Maar om dat echt vast te stellen is er een echt onderzoek nodig en dat ontbreekt. We houden na de rapporten van WADA in wezen alleen veel roddel over. De sport, hun beoefenaars, de entourage en de fans verdienen meer.

Maar dit gaat ook op voor de andere grote landen voor wie aanzien eveneens erg belangrijk is. En dat men het daarbij niet altijd netjes speelt is ook zeker. Teveel topsporters blijken immers van hun nationale sportorganisaties om ‘gezondheidsreden’ de toelating te hebben om prestatieversterkende middelen te gebruiken.(7)

Vladimir Poetin - Sotsji - 3Vladimir Poetin bij het aansteken van de Olympische vlam bij de winterspelen van Sotsji. Ook voor hem is sport een methode om het nationaal prestige, en dus ook dat van hem, te verbeteren. Het dossier tegen hem is echter voor zover geweten praktisch onbestaande.

Dit stinkt misschien nog meer dan het verhaal van Richard McLaren, WADA en RUSADA. Maar hier verbood men dan wel atleten deel te nemen aan een voor hen cruciaal sportgebeuren zonder dat ze ooit – ondanks de in bepaalde gevallen tientallen dopingcontroles – betrapt werden. Dit in essentie gebaseerd op de beweringen van een gezochte crimineel. Van discriminatie en broodroof gesproken.

Willy Van Damme

1) The New York Times, 27 december 2016, Rebecca R. Ruiz, ‘Russians No Longer Dispute Olympic Doping Operation’. http://www.nytimes.com/2016/12/27/sports/olympics/russia-doping.html?rref=collection%2Fsectioncollection%2Fsports&action=click&contentCollection=sports&region=rank&module=package&version=highlights&contentPlacement=7&pgtype=sectionfront&_r=1

2) The New York Times, 28 december 2016, Reuters, ‘Russia’s Anti-Doping Body Says Did Not Admit to Sports Dope Conspiracy’. http://www.nytimes.com/reuters/2016/12/28/sports/olympics/28reuters-doping-russia.html?_r=0

3) RT, 28 december, geen auteur, ‘NYT ‘distorted & took out of context’ words of Russian anti-doping agency head – RUSADA’. https://www.rt.com/sport/372081-nyt-russia-doping-distorted/

4) The Duran, 2 augustus 2016, Rick Sterling, ‘Here’s how Russian athletes were unfairly banned from the Olympics’. http://theduran.com/heres-russian-athletes-unfairly-banned-olympics/

Rick Sterling, de auteur van dit artikel, doet een grondige analyse van de eerste twee rapporten van het WADA, waaronder het eerste rapport van McLaren, en komt tot de conclusie dat ze feitelijk als onderzoeksrapport waardeloos zijn.

Volgens een ganse serie verhalen in allerlei media was Rodchenkov een meester op het vlak van dopinggebruik die ook nieuwe cocktails had ontwikkeld. Daarbij gebruikte hij zijn positie bovendien om atleten af te persen. Een bron waar men als onderzoeker dus erg mee moet oppassen.

5) The Duran, 10 december 2016, Alexander Mercouris, ‘Professor McLaren again attacks Russian sport’. http://theduran.com/professor-mclaren-attacks-russian-sport/.

Hier bespreekt hij het van 9 december 2016 daterende tweede en definitieve rapport van McLaren over de zaak. Ook nu weer achtte McLaren het niet nodig de Russische autoriteiten hierover te ondervragen. Zolang ze hun fouten niet toegeven was het voor hem nutteloos met hen te spreken, opperde hij. De man is professor aan de rechtsfaculteit van de universiteit in de Canadese stad Ontario.

6) http://www.berlinger.com/drug-and-doping-control/media/media-release-detail/sochi-2014-doping-allegations/

In zijn tweede rapport geeft Richard McLaren toe dat er geen enkele getuige is die zo’n flesje met urinestalen van Berlinger ooit illegaal heeft zien openen. Het is dus gewoon allemaal van ‘horen zeggen’ door Rodchenkov. Maar dat verhaal vormde juist de basis van het WADA voor de beschuldiging over de betrokkenheid van de Russische overheid bij dit schandaal. Met andere woorden: WADA heeft dus geen dossier tegen de Russische overheid.

NASCHRIFT

7) Een persoon met ervaring op het vlak van het internationaal sportgebeuren stelt het zo: “Men vraagt aan zijn huisarts om een doktersbriefje dat je medicijn zus of zo moet nemen en stuurt dat via een internationaal standaardformulier op naar de desbetreffende nationale sportfederatie en dat is voldoende.”

Zo simpel dus als een gewoon ziektebriefje dus. “Je moet al een idioot zijn om nog op dopinggebruik betrapt te worden”, aldus zijn uitleg. Een wanttoestand die natuurlijk in het milieu perfect gekend moet zijn maar waarover men in de media nooit schrijft.

Aleppo–Het bedrog van Reuters

Donderdag publiceerde het Canadees-Britse persbureau Reuters een verhaal (1) over een vermeend incident dat bij de evacuatie van terreurgroepen uit de provinciehoofdstad Aleppo die dag zou gebeurd zijn. Het verhaal is typerend voor de wijze waarop dit persbureau, het meest prestigieuze ter wereld, aan berichtgeving over dit conflict doet. Dit is cruciaal want veel kranten zoals bijvoorbeeld The Irish Times, The New York Times en De Morgen nemen dit via kopie en plak regelmatig integraal over.

Wat schreef Reuters:

Pro-Syrian government fighters opened fire on a convoy as it prepared to leave rebel-held eastern Aleppo on Thursday, wounding at least three people, a rescue service spokesman said.

‘A rescue service man said’, een man van een hulpverleningsdienst dus. Dat is zeer onduidelijk. Maar uit andere berichten elders over die zaak blijkt dit een woordvoerder van de Witte Helmen te zijn. Maar door de term Witte Helmen niet te gebruiken verbergt men natuurlijk de waarheid. En dat is zeer belangrijk daar de Witte Helmen bij velen een negatieve bijklank hebben. En dus steekt men die naam – uiteraard bewust – weg. Het klink dus meer serieus.

Rebels are leaving the last enclave they hold in the city after major advances by President Bashar al-Assad’s forces.

“(Pro-government fighters) fired at us and at ambulance vehicles and those people opening up the road,” the spokesman said.

Opnieuw diezelfde. ‘woordvoerder’ zonder naam of organisatie te noemen. Het geeft wel extra kracht aan dit verhaal.

The head of the ambulance service in the district, Ahmed Sweid, told pro-opposition Orient TV that three people had been wounded in the incident.

‘The head of the ambulance service in the district,’, welke persoon en welke dienst blijft ook nu nog geheim. Het is wel al de tweede bron dit het verhaal weet te ‘bevestigen’. Orient TV is een vanuit de Verenigde Arabische Emiraten uitzendende televisiezender die pal achter al Qaeda & Co staat.

“The convoy was shot at by regime forces and we have three injured, one of them from civil defence. They were brought back to besieged areas,” he told Orient TV.

Witte Helm met vlag van Jabhat al Nusra - 28 maart 2015 - Idlib

Een man van de Witte Helmen zwaaiend met een vlag van al Qaeda. James Le Mesurier, de stichter van de Witte Helmen werd vorige week benoemd tot lid van de Order of the British Empire (OBE). Dat moet je verdienen. Wie was daar weer die massamoordenaar?

Early reports indicated at least one person had died. The Syrian Observatory for Human Rights, which uses a network of sources across Syria, said there were no deaths, but some of the wounded were in serious conditions.

Hier boort Reuters een nieuwe, derde, bron aan voor hetzelfde verhaal, dit zo nog meer geloofwaardigheid gevend. Het Syrisch Observatorium voor Human Rights is echter een belangrijk en vanuit het Britse Coventry werkende onderdeel van die jihadisten. Wat al bij een eerste blik op hun website blijkt. Ze gebruiken er immers een van de vlaggen van de jihadisten. Maar die cruciale elementen verzwijgt Reuters. Uiteraard opnieuw bewust.

The civil defence rescue service said on Twitter that five were wounded.

An official with an Aleppo rebel group said the first convoy had reached the Ramousah junction on the way out when they came under fire. Rebel officials said they did not complete the crossing.

En opnieuw krijgt men een nog andere, al vierde, bevestiging. Ditmaal van een terug anonieme topman van een eufemistisch genoemde ‘rebel group’. In wezen echter krijgen wij hier viermaal eenzelfde verhaal dat ogenschijnlijk van steeds verschillende bronnen komt. In wezen is het echter steeds diezelfde bron: Al Qaeda & Co.

In a video interview posted to journalists, a man who said he was a civil defence worker said snipers had fired on people as they tried to open the road for the ambulances to pass a government checkpoint out of the rebel-held sector.

En kijk hier hebben we opnieuw nog eens een al vijfde ‘nieuwe’ bron voor dit schokkend verhaal, ditmaal van zo’n man van een ‘dienst voor burgerbescherming’. Dat beweerde hij althans. ‘a man who said he was a civil defence worker said’.

Uiteraard kan men vermoeden dat ook dit iemand is van die Witte Helmen, officieel De Syrische Burgerbescherming. Met andere woorden: Reuters poogt hier een verhaal te verkopen dat in wezen alleen gebaseerd is op diezelfde anonieme en aan al Qaeda & Co gelieerde bron. Roddels dus.

Voor de ongeoefende en weinig kritische journalist gaat dit verhaal er uiteraard vlot in.  Het is immers van Reuters en die liegen toch niet. Of toch wel? Maar je moet wel toegeven dat Reuters haar leugens goed weet te verpakken. En krantenredacties hebben weinig tijd en zoeken steeds naar smeuïge verhalen en dan zal dit zeker afnemers vinden en verspreid raken. En dat is de bedoeling.

Willy Van Damme

1) Reuters, 15 december 2016, “Pro-Assad forces fire on convoy leaving east Aleppo – rescue workers”, http://uk.reuters.com/article/uk-mideast-crisis-syria-evacuation-idUKKBN1440QP?feedType=nl&feedName=uktopnewsearly&utm_source=Sailthru&utm_medium=email&utm_campaign=UK%20Lunch%20Break%202016-12-15&utm_term=UK%20Lunch%20Break.

Merk ook op dat de titel van het persbericht affirmatief is. Wie dus twijfelt is of idioot of ter kwader trouw?

De Tijd over Assad

Jullie portret gelezen over de Syrische president Bashar al Assad (De Tijd, 3 december 2016). Daarin verwijten jullie hem verantwoordelijk te zijn voor de ‘meer dan 400.000 doden’ van de oorlog in Syrië. Vooreerst weet niemand hoeveel doden er gevallen zijn. Het kunnen er meer en ook minder zijn.

Dat cijfer van 400.000 doden is dan ook onzin en zou door een serieus dagblad nooit op die wijze mogen gebruikt worden. Maar erger is echter dat jullie dat allemaal op het conto van de Syrische president zetten.

Volgens het vanuit het Britse Gloucester opererende Syrische Observatorium voor de Mensenrechten – een organisatie die zoals haar website toont verbonden is aan de opstandelingen en vooral de Syrische Moslimbroeders – zijn de meeste oorlogsslachtoffers Syrische militairen met daarna burgers en als laatste categorie die jihadisten. Is Assad dan ook die man die zijn eigen soldaten liet dood schieten misschien? Volgens De Tijd dus wel.

Maar dat soort journalistiek van laag niveau wekt in jullie geval geen enkele verbazing. Het was toch De Tijd die in het verleden jarenlang de promotor was van de oplichterij in aandelen met Superclub NV en Lernhout & Hauspie NV. En zelfs toen die heren ontmaskerd waren bleven jullie hen nog steunen. Met andere woorden, jullie hebben de beleggers, jullie doelpubliek, bedrogen.

En voor zover ik weet heeft de krant zich daar nooit voor verontschuldigd. Ik vermoed dan ook dat jullie voor de tonnen leugens die jullie over Syria al publiceerden eveneens nooit zullen verontschuldigen. Maar zo kennen we het journaille.

Willy Van Damme

Reactie op een portret van Bashar al Assad van de hand van Ben Serrure in De Tijd van dit weekend. Daarin verwijt hij het Syrische leger ook dat het bij de strijd om Aleppo schoot op vluchtelingen. Op zeker ogenblik verschijnt er op het internet een filmpje van een 2 minuten waarin vluchtelingen te zien zijn die onder begeleiding van soldaten in veiligheid worden gebracht.

Plots zijn daarbij schoten te horen met als commentaar dat die jihadisten op die vluchtelingen schoten. Gelukkig zonder resultaat. Een verhaal welke geloofwaardig is want er zijn langs beide zijden verhalen te horen over dergelijke praktijken van die jihadisten om burgers als menselijk schild te gebruiken.

Een klein stukje van dat filmpje is vele uren nadien te zien bij de BBC die het plots heeft over Sjiitische milities – het moet bij de BBC nu eenmaal sektarisch klinken – die op die, volgens de BBC soennitische, vluchtelingen schieten omdat ze niet snel genoeg doorstappen. Dat is de BBC en De Tijd. En dan verschieten dan men geen enkel vertrouwen heeft in die media.

De Standaard – Prijs fantastische verhalen

Met veel aandacht de stukken, vier pagina’s!, gelezen over Syrië. Jullie tranen voor de nederlaag van al Qaeda & Co in Syrië zijn ontroerend. Wat in de krant alleen nog ontbrak was een paginagrote advertentie van Qatar of Saoedi-Arabië. Uw medewerker Jorn De Cock moet dat toch kunnen regelen.

Gisteren ook nog Kaaiman gelezen over die kwaliteitskrant De Standaard en dat verhaal over verkrachtingen (1). Waarom dingen jullie in ’s hemelsnaam als schrijvers van fantastische verhalen niet mee naar een of andere literaire prijs?

Geen verbazing dat de media en zeker journalisten steevast laag scoren in geloofwaardigheid. Jullie doen dan ook dag in dag uit hiervoor hard jullie best.

Willy Van Damme.

Lezersbrief naar aanleiding van de serie artikels over Syrië in de krant van dinsdag 29 november 2016.

1) Het betreft hier het vorige week uitgebreid in de media gebrachte verhaal over een studie gehouden door opiniepeilingsbureau TNS over de houding van Belgische mannen tegenover verkrachtingen. Die was gedaan in opdracht van Eurobarometer. Koen Meulenaere beschreef het voorval in zijn typische stijl dinsdag in De Tijd onder de toepasselijke titel Bild.

Zo stelde De Morgen op vrijdag 25 november: ‘Vier op tien Belgen praten seks zonder toestemming goed’. De Standaard schreef diezelfde dag dan: ‘Seks zonder toestemming? Oké voor 1 Belg op 5’. Andere cijfers dan in de titel van De Morgen. Het steekt niet nauw.

Maar geen zorg voor de kwaliteitskrant uit Groot-Bijgaarden. In navolging van The Washington Post heeft ook dit dagblad tegenwoordig om serieus over te komen een zogenaamde factchecker.

En daar stelt men zaterdag in die rubriek dan een onderzoek in naar deze bewering met als titel: ‘Vier op de tien Belgen praten seks zonder wederzijdse toestemming goed’. Dus de cijfers van rivaal De Morgen ditmaal. Ach, wie maalt er om. “Deels waar” is het oordeel van de krant die wel toegeeft dat er twijfel rijst over de methodologie van TNS.

Maar de gestelde vraag aan de amper 1.029 Belgen was: “Sommige mensen vinden dat seks zonder toestemming in bepaalde situaties gerechtvaardigd kan worden. Denkt U dat dit van toepassing is op onderstaande omstandigheden? dronken zijn, drugs gebruiken, enzovoort.”

Een minstens dubbelzinnige vraag die verwarrend werkt. Ook is het polsen van amper 1029 mensen wegens erg klein moeilijk als aanvaardbaar te zien. Specialist Maarten De Schryver maakte dan ook brandhout van dit onderzoek en noemde het gewoon waardeloos.

Iedere krant en weekblad de naam waardig weet dat ze uitermate voorzichtig moeten zijn met allerlei beweringen komende van studies en opiniepeilingen. Veelal zijn ze op maat gemaakt van wie de studie bestelde. Niet zelden hebben ze ook alleen maar een commercieel of politiek doel. De waarheid is dan bijkomstig. Ook zou zelfs de beginnende journalist al moeten weten dat opiniepeilingen weinig of niet betrouwbaar zijn.

Dat TNS en de Europese Commissie via Eurobarometer hun naam verbonden aan deze waardeloze rommel zou voor de toekomst dan ook een verwittiging moeten zijn. Maar sinds het satirisch televisieprogramma Basta met zijn neppersberichten furore maakte is er duidelijk bij de media niets veranderd.

Toen protesteerde de Vlaamse persbond tegen het verspreiden van nepberichten door Basta. Dat de media de onzin van die persberichten klakkeloos en zonder controle overnamen was voor de persbond toen geen probleem.

Wanneer gaat men vanuit de persbond ooit eens de redacties waarschuwen om voor men iets publiceert dat bericht eerst eens na te kijken. Maar vergeet het. Als een hond met een hoed op tegen een pennenlikker beweert in het rebellengebied van Aleppo te leven dan krijgt die zonder limiet desnoods pagina’s ter beschikking. Zelfs al leeft die hond feitelijk in de staat Virginia in de VS. Maar ja, sensatie doet papier verkopen. Simpel!