Jacques Monsieur–3 jaar effectieve celstraf

Deze ochtend velde de 24ste kamer van de Brusselse correctionele rechtbank een vonnis tegen Jacques Monsieur, de zakenman en paardenkweker afkomstig uit Lot bij Beersel, en kreeg daarbij drie jaar effectieve celstraf plus een boete van 300.000 euro. Een boete die hij moeilijk kan ontlopen. Veel vastgoed staat immers op zijn naam.

De reden voor die correctionele straf is illegale wapenhandel met een serie landen waaronder Libië, Tsjaad, Pakistan en Guinee-Bissau. Volgens het federaal parket, die de zaak voor de rechtbank bracht, goed voor meer dan 8 miljoen euro aan winst. Hij, een licentiaat in de rechten, pleitte onschuldig,

In het verleden liep hij de voorbije twintig jaar hiervoor al wegens gelijkaardige feiten veroordelingen op in Iran, België, Frankrijk en de VS. In België en Frankrijk bleef dat bij veroordelingen tot celstraf met uitstel, in Iran en de VS waren die veroordelingen tot celstraf effectief.

Jacques Monsieur

Jacques Monsieur bleek ondanks vier eerdere veroordelingen voor illegale wapenhandel nadien en nog zeker tot 2009 hierin actief. Een verslaving?

Bleek nu dat ondanks die eerdere veroordelingen hij verder actief was gebleven in de nu als illegaal vastgestelde wapenhandel. Voor de rechtbank was er dus sprake van recidivisme. Wat duidelijk gevolgen had voor de hem nu aangemeten straf. Want terwijl het federaal parket 2 jaar effectieve celstraf eiste kreeg hij van de rechter drie jaar gevangenis plus nog een boete van 6 x 50.000 euro, zijnde 300.000 euro.

De argumenten van Monsieur hielden dus geen stand. Bij de hoorzitting was hij trouwens nog erg optimistisch, nu was hij afwezig. “Dit win ik gemakkelijk”, stelde hij in een gesprek toen. Daarbij baseerde hij zich op het feit dat hij vanuit Frankrijk werkte en alleen als tussenpersoon optrad voor een Poolse firma, Unimesko. “En dat is niet strafbaar”, opperde zijn advocaat tijdens de debatten voor de rechtbank. Maar dat werd dus verworpen.

Jacques Monsieur leeft tegenwoordig in de buurt van de Franse stad Tarascon waar hij vooral bezig is met zijn passie voor Lusitaanse paarden. Jacques Monsieur is de zoon van de vroegere notaris Paul Monsieur, de notaris voor niet onbesproken Brusselaars als Pierre Salik en Charlie De Pauw. Als erfgenaam via het huwelijk van zijn vader is hij met zijn zuster eigenaar van een stevig stuk onroerend goed.

Jacques Monsieur - Stoeterij Arles - 1

De paardenkwekerij van Jacques Monsieur vlakbij Arles in de Franse Provence. Het viel trouwens op dat hij voor de Franstalige rechtbank bijwijlen sprak met een stevig Provençaals accent.

Ook werd tijdens het proces duidelijk dat Jacques Monsieur inderdaad op 28 augustus 2009 in Panama door agenten van de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration (DEA) werd ontvoerd. Wat zowel hij als het federaal parket tijdens de debatten en in een gesprek achteraf stelden. De DEA had hem via provocatie door een deal voor te stellen ginds in de val gelokt. Officieel was de arrestatie gebeurd op de luchthaven van JFK in New York.

Wel bleek het Amerikaanse dossier zelf stevig te zijn. De namen van medeplichtigen die toen in de VS opdoken zoals Dara Fotouthi, een tussen Parijs en Genève opererende Iraniër, en de in Zwitserland verblijvende Yves-Michel Deloche kwamen ook bij de zitting van de Brusselse rechtbank ter sprake. Verder bleek hij nog steeds wapens te hebben verkocht aan Iran en ook China.

Tegen diens ontvoering was er voor zover geweten vanuit de Belgische regering nooit enig protest. Het was deze ontvoering die het sein was voor dit nieuw gerechtelijk onderzoek en nu veroordeling. Vermoedelijk gaat Jacques Monsieur tegen dit vonnis in beroep. Later en van zodra beschikbaar komt hier meer informatie over deze zaak.

Willy Van Damme

Verdere lectuur: ‘Handelaar des doods’, Willy Van Damme, Borgerhoff & Lamberigts, 2011. 255 pagina’s.

Mossad–Een vrijgeleide in België

België beschikt over een serie inlichtingendiensten maar optreden tegen bijvoorbeeld de Israëlische Mossad is voor hen zeker geen prioriteit, integendeel. Ook al wordt de Mossad hier verdacht van o.m. moord, wapenhandel en een ganse serie andere criminele activiteiten. Zelfs het afluisteren in Brussel van de diplomatieke delegaties van de EU-lidstaten door de Mossad laten onze inlichtingendiensten en overheden ongemoeid. Alles wordt netjes toegedekt.

Camille Huysmans

De geheime activiteiten van zionisten in België gaan al ver terug en begonnen al minstens in de jaren dertig van de vorige eeuw toen zij met hulp van de toenmalige Antwerpse burgemeester Camille Huysmans (BSP) via de Antwerpse haven wapens smokkelden naar hun terreurgroepen in het toenmalig Britse mandaatgebied Palestina.

Met andere woorden: wapens die organisaties als Haganah gebruikten voor hun dikwijls dodelijke acties tegen niet alleen de Britse bezetter maar vooral tegen de Palestijnse bevolking geraakten ginds met steun van een Camille Huysmans en bepaalde leden van de Antwerpse sociaal democratie.

Het was de periode toen het zionisme in veel milieus nog gezien werd als een ‘progressieve’ beweging die streefde naar een socialistische samenleving. Jarenlang bleef die link tussen onze sociaal-democratie en Israël ook bestaan. Israël was een vriend en die mag wat meer.

In de jaren zestig van de twintigste eeuw wordt die vriendschap van Israël met de sociaal-democratie echter zwakker en zwakker. Mede doordat in Israël het liberale Likoed steeds meer invloed krijgt. Het zullen vooral de liberalen zijn die zowel in Antwerpen, Luik en ook Brussel nadien verder zullen zorgen voor alle mogelijke politieke steun.

Jean Gol

In Antwerpen krijg je figuren als een Andre Gantman (*), de ooit wegens fraude in ongenade gevallen schepen, en Claude Marinower. In Luik is er dan Jean Goldstein, beter gekend als Jean Gol, die zal uitgroeien tot de sterke man binnen de Franstalige liberale partij PRL en nadien de MR. Hij was ook een der grote namen binnen de internationale zionistische beweging.

In zijn spoor duiken ook een aantal andere duistere figuren op zoals jeansfabrikant Pierre ‘Pinkus’ Salik en vooral George Gutelman, Luikenaar en schoolmaat van Jean Gol. De voortijdige dood van Gol in 1995 maakte geen einde aan die nauwe relatie tussen de MR en Israël. Zo staat minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders gekend als een goede vriend van Israël.

George Gutelman was de man die met zijn Trans European Airways (TEA) in 1985 in het grootste geheim de zogenaamde Ethiopische joden overvloog naar Israël. Daarnaast werden zijn vliegtuigen volgens persberichten ook gebruikt voor het vervoer van wapens in de Iran-Contra Affaire.

Zijn TEA en later City Bird gingen beiden failliet en lieten vele tientallen miljoenen aan schulden achter. Gerechtelijk liep de zaak ook in het honderd en buiten een symbolische boete kwam er van een straf nooit iets in huis.

Daarbij dient men ook te beseffen dat Israël in veel opzichte een sleutelrol speelt in de westerse alliantie. Van zodra het Midden Oosten en de islam ter sprake komt is het Israël die klaarblijkelijk steeds de baas is. Ingaan tegen de uitdrukkelijke eisen van Israël zal men in die dossiers bij Navo en de EU voor zover geweten nooit doen.

Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de Mossad in Brussel zowat vrij spel heeft. Tot heden zijn in België geen maatregelen tegen de organisatie bekend en geen rechtszaken. Geen voornaam Belgisch politicus zal zich ooit publiek tegen Israël en haar buitenlandse inlichtingendienst en terreurorganisatie De Mossad keren. Bert Anciaux was de enige toppoliticus die ooit tegen Israël in ging. Tonnen modder was zijn lot.

Shmira

Zo mogen Israëlische veiligheidsagenten op de luchthaven van Zaventem gewapend rondlopen en mensen die naar Israël willen vliegen fysiek fouilleren. Andere bronnen stellen dan weer dat dit niet zozeer het werk van de Mossad maar van de Shin Bet is, de Israëlische binnenlandse veiligheidsdienst.

Zeker is dat de mensen die dit doen werken voor de Israëlische ambassade in Brussel. Vorig jaar was er trouwens terug een protestactie tegen de aanwezigheid van de Israëlische veiligheidsdiensten op onze nationale luchthaven.

Ook werden in het recente verleden Israëlische militairen ingeschakeld om in Antwerpen joodse scholen te bewaken. Ze waren wel in burger gekleed maar bewapend. Een praktijk die voor zover geweten nu gestopt is en overgenomen werd door Shmira, een eigen bewakings- en inlichtingendienst die onderdeel vormt van het Centraal Israëlitisch Consistorie, een organisatie die onder controle van Israël staat.

Opvallend hierbij is dat er ook elders in de wereld gelijknamige groepen actief zijn. Men ontkent in Antwerpen wel contacten met de Mossad maar dat klinkt weinig geloofwaardig. Geweten is bijvoorbeeld dat Israëlische studenten in België geacht worden regelmatig hier bij de Mossad te rapporteren.

Dat Shmira dus samenwerkt met een grote goed georganiseerde inlichtingendienst als de Mossad is niet meer dan logisch. Het beveiligen en onder controle houden van joodse gemeenschappen in het buitenland is nu eenmaal een van hun specialiteiten.

Gerald Bull

Een van de meest spectaculaire aan de Mossad in België toegeschreven zaken was natuurlijk de moord in Brussel op de Canadese wapenspecialist Gerald Bull. Een gezien zijn beroep uiteraard erg duister figuur die werkte binnen de schemerzone van allerlei westerse militaire inlichtingendiensten, vermoedelijk dus ook de Israëlische AMAN, de spionagedienst van het Israëlische leger.

De man werkte op zeker ogenblik voor de Iraakse president Saddam Hoessein aan een superkanon dat zelfs in staat zou zijn om vanaf Irak Israël te beschieten. Het project raakte nooit af want hij werd in Brussel op 22 maart 1990 in zijn woning neergeknald.

Alhoewel nooit met zekerheid bewezen werd ook hier, mede gezien de professionele wijze waarop de aanslag gebeurde, naar de Mossad verwezen. Zelfs Israëlische bronnen noemden de Mossad als de dader. Feit is alleszins dat het Belgische gerecht de zaak wou stilhouden en er van een onderzoek naar de moord nadien nooit meer iets werd gehoord.

Arno Nejman

Ook in het milieu van de Brusselse wapensmokkel in de jaren tachtig speelde de Mossad overduidelijk een grote rol. Het was de tijd van de Iran-Contra-affaire toen de VS en Israël Iran in het geniep bewapenden mede om zo te zorgen dat in de Iraaks-Iraanse oorlog niemand kon winnen en ze elkaar maar bleven afslachten.

Een belangrijk deel van die smokkel liep via Brussel waar allerlei duistere figuren erin betrokken raakten, en dit in samenwerking met de Mossad. Bekendste figuur is hier de notariszoon Jacques Monsieur uit Lot.

Deze was oorspronkelijk in de jeanshandel begonnen dankzij de zakelijke contacten van zijn vader Paul Monsieur met Pierre ‘Pinkus’ Salik, toen de onbetwiste Belgische koning van deze sector. Deze handel zat toen vooral geconcentreerd aan het Zuidstation in Brussel, gemeenzaam Le Triangle genoemd.

Een handel die toen grotendeels in joodse handen was die daarbij nauw samenwerkte met de sector- en geloofsgenoten in Parijs. Centraal hierbij was de familie Nejman – In sommige documenten noemden ze zich Newman – en hun Geoffrey’s Bank.

Dit was origineel een bank actief in de vleessector rond het Anderlechtse slachthuis maar werd na de overname vooral actief in de textielnijverheid en de …. wapenhandel. Het is deze illegale wapenhandel en een serie mislukte deals die de bank begin 1981 financieel doet over kop gaan. Maar geen probleem, ook hier doet het gerecht niets.

Vader Arno en zoon Geoffrey – de bank was naar zoonlief genoemd – kwamen strafrechtelijk heelhuids uit de zaak. Geoffrey Nejman verhuisde wel naar de regio van Nice om er zakelijk actief te zijn rond vastgoed en de parfumhandel. Niet zonder opnieuw brokken te maken.

Het lijkt een vast gegeven dat men in dergelijke zaken strafrechtelijk vanuit het parket geen acties zal ondernemen. De bank wordt om een faillissement te vermijden overgenomen, het personeel staakt en met de illegale wapenhandel doet men niets.

Jacques Monsieur

Het is hier dat Jacques Monsieur in contact komt met een zekere David Benelie, officieel partner van de familie Nejman in de textiel maar in realiteit contactman voor de wapenhandel. Die liep rond met zeker twee verschillende paspoorten, vervalste douanestempels en bezat ook minstens twee nationaliteiten, de Belgische en de Israëlische.

In realiteit noemde hij echter David Azulay en is hij de broer van Avner Azulay, de rechterhand van de in Antwerpen geboren Marc Reich, beter gekend als Marc Rich, ‘s werelds meest bekende nu in Zwitserland wonende grondstoffenspeculant.

Volgens getuigenissen waren beide broers lid van de Mossad en was Avner op zeker ogenblik zelfs het nummer twee van deze spionage- en terreurorganisatie. Het is mede via David Azulay dat Jacques Monsieur in de wapenhandel en de handel rond de Iran-Contra affaire raakt. Het zal Monsieur veel geld en ook veel herrie opleveren.

Maar David Azulay mag dan misschien tot over zijn horen in de wapenhandel gezeten hebben en met valse paspoorten werken, gerechtelijk hoefde hij zich blijkbaar geen zorg te maken. Hij slijt nu zijn oude dag in een Brussels rusthuis. Als steeds knijpt het Brusselse parket voor zover geweten ook hier de ogen nog maar eens dicht.

Het hoeft daarom niet te verwonderen dat reserveofficier Jacques Monsieur, officieel een informant voor de Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid (ADIV), onze militaire veiligheidsdienst, tot ongeveer 2000 deels als wapenhandelaar en deels als spion vooral voor rekening van onder meer de Mossad zal gaan werken. Monsieur groeit zelfs uit tot een voornaam exporteur wereldwijd van het Iraanse wapenspul. Hij kent op dit gebied het land van binnen uit.

Geheim proces

Zo verkoopt hij op vraag van Israël zeker nog in 1993 – zeven jaar na de Iran-Contra affaire – Amerikaanse wapentechnologie aan Iran. Een smokkelzaakje waarbij men zelfs de handtekening van de stafchef van de Belgische luchtmacht vervalst. Officieel was het immers aangekocht voor de legerbasis in Evere. Want wapentuig verkopen aan Iran was in de VS toen streng verboden.

Ook deze zaak wordt in Brussel door het parket op een merkwaardige wijze afgerond. Er komt een geheim proces met daarbij een symbolische straf zodat hij na de rechtszitting direct kan terugkeren naar zijn paardenkwekerij in de Franse Provence.

Geen proces voeren was voor het parket amper nog een optie. Zijn zaak had in de pers immers veel ruchtbaarheid gekregen, mede door zijn veroordeling in Iran waar hij wegens spionage tien jaar celstraf krijgt aangemeten.

Ook was het Comité I, de parlementaire waakhond van de veiligheidsdiensten, op zijn spoor gekomen. Een enorm schandaal dreigde dus. Maar dat wist men als steeds zoveel mogelijk te vermijden.

Abdelkader Belliraj

Een ander voor onze veiligheidsdiensten en de Mossad gênant dossier is zeker dat van de uit Marokko afkomstige Belg Abdelkader Belliraj. De man had dankzij de Veiligheid van de Staat de Belgische nationaliteit gekregen en was ook een van hun informanten. Vooral werkte hij volgens insiders echter voor de Mossad.

Dit laatste volgens drie goed geplaatste en betrouwbare getuigen die ieder apart werden geïnterviewd. Een verhaal dat een andere vierde Belgische expert nadien bevestigde. De zaak raakte in de media doordat de man op beschuldiging van terrorisme in Marokko werd opgepakt en later hiervoor levenslang kreeg.

Dra bleek Belliraj een informant te zijn van onze Staatsveiligheid en zelfs Bin Laden ontmoet te hebben. Een enorm schandaal waarmee Alain Winants heel veel moeite had om het in de klassieke doofpot te stoppen. Bovendien stond in het jaarverslag voor 2009 van het Comité I dat de man ook nog werkte voor een grote buitenlandse veiligheidsdienst.

Dit bleek na wat onderzoek dus te gaan om de Mossad. Bij de dienst van Winants was het dan ook alle hens aan dek. Zeker toen bleek dat de man ook in ons land een serie onopgehelderde moorden op zijn kerfstok had, waaronder die in oktober 1989 op dokter Joseph Wybran, toen een der topfiguren binnen de joodse gemeenschap in onze hoofdstad.

Zo hebben alle mensen van de Staatsveiligheid, incluis dus Winants, volgens dat jaarverslag van 2009 onder ede zitten liegen tegen de onderzoekers van het Comité I. Het staat zo letterlijk in het op het internet te lezen jaarverslag dat ook aan het parlement werd bezorgd.

Amper iemand die er in parlement en pers vragen over stelde, behalve dan George Timmerman die toen nog bij De Morgen werkte. Niet voor lang meer echter. En nochtans was zo te zien dat de wet ook hier grootschalig was overtreden. Maar de doofpot stond al op het vuur te sidderen dankzij al die vorige affaires. Het is een traditie in dit verhaal. Van vervolging is in België nooit sprake geweest.

Justus Lipsius

Dit ongestrafte bleek zeker met het grootste bekende afluisterschandaal uit de Belgische geschiedenis dat op 28 februari 2003 aan het licht kwam. Het situeerde zich in het Justus Lipsiusgebouw van de Europese Unie in Brussel, het zenuwcentrum van de EU waar de topdelegaties der verschillende landen onderling en met elkaar in het soms grootste geheim overleggen.

Die 28ste februari ontdekte een technicus heel toevallig tijdens een herstelling afluisterapparatuur waarbij onbekenden alle gesprekken van de Britse delegatie afluisterden. Dra ontdekte men dat dit ook zo was bij de andere delegaties zoals de Duitse, de Franse en de Spaanse.

Daarbij wees alles naar enkele technici die voorheen hun opleiding hadden gekregen bij het Israëlische telecombedrijf Comverse, een onderneming die bij inlichtingendiensten gelinkt wordt aan de Mossad. Bewezen werd dat die apparatuur er al in de periode 1994-1995 was aangebracht toen België het complex liet bouwen.

Uiteraard waren de daders vrij snel bekend. Het duurde echter tot … maart 2009 – meer dan zes jaar later – voor er huiszoekingen plaats hadden. Ook bleek dat toen het nieuws op 19 maart 2003 in de Franse krant Le Figaro uitlekte men pas dan de dienst contraspionage van de Staatsveiligheid inschakelde. De Staatsveiligheid stond toen onder leiding van de algemeen als zeer zwak omschreven liberaal Koen Dassen.

Begin 2011 liet het federaal parket dan weten dat men na zeven jaar onderzoek besloot niemand te vervolgen. Maar geen zorg, iets later, op 22 januari 2011, lekte dan uit dat ook de politie een gelijkaardig probleem had.

Infiltratie

Deze had haar afluisterapparatuur acht jaar voordien aangekocht bij de Israëlische telecomonderneming Nice, eveneens een bedrijf met goede connecties bij de … Mossad. En ook over dit verhaal zal men later nooit meer iets horen.

Het zijn allemaal verhalen die de vraag doen rijzen wie in dit land werkelijk de baas is. Onze regering of… de Mossad. Ze mag hier als we het allemaal op een rijtje zetten alles doen wat ze wel. En niemand die er een vinger naar durft uit te steken.

Met als bijkomende vraag: Hoe ver infiltreerde de Mossad al in ons land? Over hoeveel spionnen bezit ze in onze politiek, de journalistiek, de magistratuur, de ambtenarij, het veiligheidsapparaat en het zakenleven? Vermoedelijk veel en heel strategisch geplaatst. Hoe anders kan men die steeds weerkerende straffeloosheid verklaren?

Willy Van Damme

1) André Gantman kwam in opspraak in de fraudezaak rond ABC Containerlines toen hij namens Open VLD in de stad Antwerpen schepen was. Hij werd tot ontslag gedwongen. Maar geen probleem voor zijn carrière. Hij liep over naar N-VA en is nu fractieleider voor de N-VA in de Antwerpse gemeenteraad.

Het kadert in de innige relaties die de voorbije jaren ontstonden tussen de N-VA en Michael Freilich van Joods Actueel. Brasschaatenaar Jan Jambon, fractieleider in het federaal parlement voor N-VA, is sindsdien ook toegetreden tot de lobbygroep voor de diamantsector waar joden traditioneel sterk aanwezig zijn. Frieda Brepoels van N-VA was voorheen een groot voorstander van de Palestijnse zaak en, na een amper horend protest, zwijgt sindsdien.

Of hoe soepel politiek soms kan zijn, ook bij diegenen die af en toe beweren moralist te zijn.

2) Pierre ‘Pinkus’ Salik was de man van de ooit zeer populaire jeans van het merk 49’er. Hij financierde mee het vertrek van joden uit de toenmalige Sovjet-Unie.

Jacques Monsieur–kidnapping in Panama

Uit nieuwe informatie betreffende de arrestatie van Jacques Monsieur door de VS blijkt nu dat men Jacques Monsieur niet oppakte bij zijn aankomst op de luchthaven van John F. Kennedy in New York op 28 augustus 2009, maar dat men hem gewoon ontvoerde toen hij die dag via een gewone burgervlucht in Panama arriveerde vanuit Frankrijk.

Geen reactie regering

Het is voor zover geweten het eerste geval waarbij een Belg door de Amerikaanse veiligheidsdiensten werd ontvoerd. Op Buitenlandse Zaken in Brussel was er niemand bereid om over deze zaak te reageren.

Het toen in 2009 door het Amerikaanse ministerie van Justitie opgestelde persbericht hierover was dan ook gelogen. Het was deze versie over de zaak, waarin dus sprake was van een simpele arrestatie, die zowat alle voornaamste media wereldwijd die dagen publiceerden.

Het verhaal over de kidnapping was al eerder bekend maar kwam van een toen anonieme Amerikaanse bron. Het verhaal stond in een in 2009 verschenen thesis over de zaak Monsieur van een zekere Drew Davis.

Jacques Monsieur - Gevangenis Alabama VS -300x375

Jacques Monsieur, hier in een Amerikaanse gevangenis, werd op 28 augustus 2009 door Amerikaanse agenten in Panama ontvoerd.

Deze Davis studeerde toen aan de George H. Bush School of Government in Texas. Dit anoniem gebracht verhaal blijkt nu te kloppen want Monsieur had een vliegtuigticket voor die dag op zak met als bestemming Panama.

F4 Starfighter

Volgens het nooit door Monsieur bevestigde verhaal werd hij op zeker ogenblik benaderd om vliegtuigonderdelen voor de F5 Starfighter, een van origine Amerikaans gevechtsvliegtuig, te leveren voor de Iraanse luchtmacht. Iran heeft nog steeds een aantal van die verouderde vliegtuigen in stock.

Voorheen had Monsieur in opdracht van de Israëlische geheime dienst Mossad al Amerikaans wapentuig verkocht aan het Iraanse leger. Dit onder andere in het kader van het Iran-Contra schandaal uit 1986 waarbij ook de VS op grootschalige wijze, deels via België, wapens leverde aan het Iran van de Ayatollahs. Wapenleveringen die echter nadien onder toezicht van Israël zeker tot in 1993 in het geheim voortgingen, mogelijks zonder medeweten van de VS.

Daarbij speelde hij ook de rol van spion die op die wijze infiltreerde in het Iraanse leger en het militair-industrieel complex van het land. Toen hij eind 2000 Frankrijk ontvluchte werd hij in Iran om die reden opgepakt en een celstraf van 10 jaar aangemeten. Straf die hij een jaar later grotendeels afkocht.

J85-21 vliegtuigmotor

Volgens de Amerikaanse autoriteiten poogde Jacques Monsieur deze vliegtuigmotoren aan Iran te verkopen. Dit, althans volgens de VS, na de deal zelf te hebben uitgelokt.

Nadien kreeg hij wegens illegale wapenhandel nog voorwaardelijke celstraffen in 2002 in België en in 2008 in Frankrijk. In hoeverre de Amerikaanse beschuldigingen van 2009 klopten is nog steeds onduidelijk. Zijn versie van de feiten is immers nog steeds niet gekend.

Aan alle touwtjes

Hij werd toen in 2009 in de val gelokt door agenten van de Drugs Enforcement Administration (DEA) die zich bij een ontmoeting in Parijs voordeden als wapenhandelaars. Althans dat is de Amerikaanse versie waarvan we nu weten dat ze minstens voor een deel gelogen is.

Bij de DEA in Washington ontkent men het verhaal van de kidnapping. “De VS zal nooit iemand kidnappen maar wel de uitlevering van verdachten vragen. We pikken nooit zomaar mensen op van de straat. In deze zaak waren wij ook niet de echte initiatiefnemers maar vroeg een andere dienst ons om hen te helpen. Wij hebben immers een uitstekend werkend internationaal netwerk met allerlei informanten en zijn zeer goed in dat soort zaken”, aldus een woordvoerder van de DEA (1).

Jacques Monsieur pleitte toen hij in Alabama gevangen zat eerst onschuldig maar gaf dan op 23 november in ruil voor een serieuze strafvermindering, dus na bijna twee maanden arrest, uiteindelijk toch toe en pleitte schuldig.

Het is typerend voor het Amerikaanse gerechtssysteem waarbij men mensen in voorarrest zo onder druk zet dat ze geen andere uitweg meer hebben dan schuldig pleiten. Waarna er tussen de verdachte en het openbaar ministerie een strafmaat wordt afgesproken. Een methode waarbij de procureur feitelijk aan alle touwtjes trekt. De rechters volgen nu eenmaal bijna steeds het zo bekomen strafvoorstel.

Jacques Monsieur zat in Alabama in bijna totale isolatie en dreigde voor een jury te komen voor wie alleen al het woord Iran horen reeds voldoende is om hem desnoods levenslang te geven.

Jacques Monsieur - boek - Handelaar des doods

In 2011 verscheen het boek ‘Handelaar des doods’, een biografie over de man.

Hij kreeg op 22 september 2010 uiteindelijk 23 maanden celstraf en kwam vrij op 28 april 2011, dus na 19 maanden. Dit terwijl men hem origineel bedreigde met 60 jaar gevangenis. Jacques Monsieur, die ook jarenlang informant was voor zowel de Belgische als de Amerikaanse militaire veiligheid, was ook vandaag niet bereid tot een gesprek over de zaak.

Willy Van Damme

In 2011 verscheen van mijn hand ‘Handelaar des doods’ bij de uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts. In voetnoot 88 wordt verwezen naar het verhaal van Drew Davis.

1) De woordvoerder van de DEA gaf wel toe dat er in een aantal gevallen sprake is geweest van wat hij dan ‘rendition’ noemde, een volgens woordenboeken obsoleet woord afkomstig van het Latijnse redditio. Maar dat is, naar hij stelde, iets totaal anders dan ‘kidnapping’.

Volgens de Collins English Dictionary en de Merriam Webster Dictionary betekent rendition hetzelfde als surrender. En dat wil in het Vlaams zeggen: Zich ‘overgeven’. Ja, als vier zwaar bewapende kerels je armen omwringen en een pistool onder je neus duwen dan… is er inderdaad sprake van ‘rendition’.

Wat kan de taal toch nuttig zijn om iets te verbergen. Niet verwonderlijk dat de geroemde Angelsaksische media als The New York Times en The Economist plots tien jaar lang steeds dit archaïsche woord ‘rendition’ gebruikten en niet het klassieke begrip ‘kidnapping’.

Dat woord gebruiken ware voor de lezer immers te duidelijk en te schokkend geweest. Ze kennen over de grote waterplas ook wel het door George Orwell onsterfelijk gemaakte begrip newspeak. Dus wat oorlog is wordt dan vrede.

Jacques Monsieur komt vrij uit Amerikaanse cel

Volgende week donderdag op 28 april komt de Belgische wapenhandelaar en spion Jacques Monsieur eindelijk vrij uit zijn Amerikaanse cel bij Mobile in de staat Alabama. Daar zat hij sinds zijn arrestatie op de luchthaven van New York op 28 augustus 2009 vast op de beschuldiging Amerikaanse motoren bestemd voor F5E gevechtsvliegtuigen aan Iran te hebben willen verkopen. Dit terwijl de VS al sinds kort na de Iraanse revolutie van 1979 een wapenembargo heeft tegen het land. Jacques Monsieur pleitte na immense druk vanuit het Amerikaanse gerecht schuldig en kreeg in ruil voor zijn medewerking slechts 23 maand cel. Een lichte straf want origineel bedreigde men hem immers met zomaar eventjes 65 jaar cel. Op donderdag 28 april komt hij nu eindelijk vrij. Of hij direct naar België komt is verre van zeker. Hij beschikt immers nog over een paardenkwekerij in de buurt van de stad Tarascon in de Franse Provence. Naast dan zijn woonst in Incourt in Waals-Brabant.

De paardenkwekerij van Jacques Monsieur nabij Tarascon

Vermoedelijk keert Jacques Monsieur eerst naar Tarascon terug om er op zijn Lusitaanse paarden te letten, zijn grote passie.

Was hij schuldig of niet?

Of Jacques Monsieur echt schuldig is aan de hem door de VS ten laste gelegde feiten is ook nu, bijna twee jaar later, nog steeds onduidelijk. Buiten de verklaringen van het Amerikaanse ministerie van Justitie en enkele door hen vrijgegeven documenten is er praktisch niets anders aan gegevens beschikbaar die een beter licht op de zaak kunnen werpen.

Uit vaststaande gegevens blijkt dat de man van 1980 tot 2000 werkte voor en onder toezicht van een aantal westerse vooral militaire veiligheidsdiensten zoals de Belgische ADIV, de Amerikaanse DIA, de Franse DGSE en vooral de Israëlische Mossad. Zo leverde hij in hun opdracht en/of medeweten wapens aan onder een VN-embargo zittende conflicten zoals de Iraans-Iraakse oorlog, de strijd om Joegoslavië en tal van Afrikaanse conflicten. Vele kindsoldaten werden mede met zijn hulp van wapens voorzien. 

In opdracht van Israël infiltreerde hij ook in het Iraanse militair-industriële complex en werd hij de exporteur bij uitstek van veel Iraans wapentuig. Zo was hij zelfs betrokken bij het vervalsen van de handtekening van de chef van de Belgische luchtmacht om Amerikaanse wapentechnologie op vraag van Israël naar Iran te kunnen exporteren.

De mysterieuze Iraniër Dara Fotouhi

Of de man werkelijk schuldig is aan de hem ten laste gelegde feiten is dus niet zeker. Ten laste tegen hem is natuurlijk zijn verleden van wapenhandelaar en mooiprater, de vlotte jongen die overal kon binnendringen, ook in Iran. Ook is er de nog steeds duistere figuur van de Franse Iraniër Dara Fotouhi die door de VS werd opgevoerd als zijn medeplichtige.

De man blijkt de rechterhand te zijn van Yves-Michel Deloche, een oud gekende uit de vriendenkring van Jacques Monsieur uit de jaren negentig van vorige eeuw. Een vriendenkring van vooral medewerkers van de Franse militaire veiligheidsdienst DGSE. Waarbij men op het Zwitserse hoofdkwartier van Deloche dan beweerde de man niet te kennen en op een ander tijdstip dan weer voorstelde om terug te bellen daar hij nog niet op zijn kantoor was. Bovendien bewijzen talrijke officiële documenten die relatie tussen Fotouhi en Deloche overduidelijk. In een interview met het Parijse blad Charlie-Hebdo gaf Fotouhi zelfs deels de feiten toe.

Dara Fotouhi

Wat de juist rol van de Franse Iraniër Dara Fotouhi is, blijft geheel onduidelijk. Als rechterhand van Yves-Michel Deloche, een oude partner van Monsieur, komt hij natuurlijk verdacht over.

Langs de andere kant is uit alle documenten gebleken dat Monsieur steeds nauw met die westerse inlichtingendiensten samenwerkte. Dat hij zich nu opnieuw zonder steun van de veiligheidsdiensten aan wapenhandel en dan nog voor Iran zou vergrijpen wekt verbazing, zelfs ongeloof. Zeker na de eerder symbolische veroordelingen voor wapenhandel in België en Frankrijk en een zwaardere straf voor spionage in Iran. Uit alles blijkt bovendien dat de man geen fan was van Iran. Zoals ook Fotouhi niet. En als Dara Fotouhi inderdaad medeplichtig was, waarom vroeg de VS dan aan Frankrijk of Zwitserland, waar hij werkt, zijn uitlevering niet? Zijn telefoonnummer staat gewoon in het telefoonboek. En waarom zou Iran interesse hebben om stokoude Amerikaanse F5E gevechtsvliegtuigen te moderniseren terwijl het elders ultramoderne gevechtsvliegtuigen kan kopen? Het klinkt allemaal weinig logisch.

De VS wou alleen informatie

Bovendien blijkt dat de interesse van de VS voor Jacques Monsieur vooral beperkt was tot het verkrijgen van informatie van de man. Welke juist weten wij niet. Als hij inderdaad schuldig was, waarom dan die naar Amerikaanse normen vederlichte straf van 23 maanden? Wat de goede waarnemer ook opvalt, is dat zijn arrestatie er komt na twee eerdere gelijkaardige arrestaties. Zo arresteerde men in 2007 de Syrische wapensmokkelaar en drughandelaar Monzar al Kassar en in 2008 zijn Russische collega en vrachtvervoerder Victor Bout. Beiden hebben in het verleden steeds nauw samengewerkt met de VS en de DIA, de Defence Intelligence Agency. Zoals dus ook Jacques Monsieur.

Jacques Monsieur - Gevangenis Alabama VS -300x375

De VS wou in feite alleen informatie van Jacques Monsieur. Maar welke?

Het raadsel Colombia

Er is nog een andere eigenaardigheid aan deze drie dossiers, naast dan het feit dat de arrestaties elkaar steeds met een jaar opvolgden. En die eigenaardigheid is het steeds terugkeren van het land Colombia in de verhalen rond hun arrestaties. Zo werden Monzar al Kassar en Victor Bout na uitlokking door de VS opgepakt wegens een vermeende poging om wapens te leveren aan de Colombiaanse guerrillabeweging, de FARC. In de zaak van Monsieur zouden die vliegtuigmotoren via Colombia aan Iran geleverd worden.

Waarom steeds Colombia, naast Honduras de enig overgebleven Amerikaanse neokolonie in Latijns-Amerika? Waarom besloot men plots, na hen al die jaren gebruikt te hebben, over te gaan tot hun arrestatie? Het zijn vragen die tot op heden nog niet beantwoord werden en die dat mogelijks ook nooit zullen worden.

En als Jacques Monsieur toch schuldig is dan heeft hij terug aan wapenhandel gedaan of in Frankrijk of in België of in beiden en dan is hij mogelijks opnieuw schuldig aan illegale wapenhandel. Wat gaat het Belgische en Franse gerecht dan doen? Niets? Veel moet men nu eenmaal in dit dossier van het Franse of Belgische gerecht waarschijnlijk niet verwachten, in het verleden blonken die immers vooral uit door inactie en als de zaak na veel jaren toch voor de rechtbank kwam dan was men voor hem poeslief. In tegenstelling tot sommige van de ooit door hem bewapende Afrikaanse krijgsheren die nu voor het Internationaal Strafhof in Den Haag levenslang riskeren. Maar dat zijn dan ook Afrikanen, zwarten en geen blanke heren van stand.

Willy Van Damme

Grootste Belgische wapensmokkelaar was de ideale verkoper

Journalist Willy Van Damme heeft een stevig gedocumenteerde biografie geschreven over Jacques Monsieur, een bij het grote publiek vrijwel onbekende Belg die twintig jaar lang ongestoord zijn gang kon gaan als illegale wapenhandelaar en spion op planetaire schaal. Het boek geeft een beklemmend beeld van deze ‘handelaar des doods’, zijn entourage en zijn beschermheren .

Door de redactie

“Het verhaal van Jacques Monsieur is erg belangrijk”, stelt Van Damme in zijn inleiding. “Het geeft een beter zicht op de wereldgeschiedenis van 1980 tot 2000. Het corrigeert in grote mate het beeld dat wij tot recent hadden over die periode. Het is ook zeer belangrijk omdat hij de enige gekende grote illegale wapenhandelaar uit die periode is waarvan het met absolute zekerheid vaststaat dat hij die activiteiten ontplooide in nauwe samenspraak en onder toezicht en zelfs bevel van de westerse militaire veiligheidsdiensten. Het toont ook het immorele en criminele karakter van die inlichtingendiensten, voor wie het opofferen van desnoods honderdduizenden mensen geen enkel probleem is.”

Jacques Monsieur - Handelaar des doods - boek kaft voorkant

Het boek geeft een beter zicht op de wereldgeschiedenis in de periode 1980 tot 2000.

De auteur heeft grondig onderzoek gedaan naar de familiale achtergrond en het karakter van zijn hoofdpersonage. Dat leverde tot nog toe onbekende informatie op. Financieel had Jacques Monsieur geen enkele reden om zich in de gevaarlijke wereld van de wapensmokkel te storten. Hij was de zoon van een welgestelde notaris uit Halle, behaalde een doctoraat in de rechten aan de ULB en kreeg via erfenissen een fortuin in de schoot geworpen. Hij had de rest van zijn leven probleemloos kunnen rentenieren.

Een mogelijke verklaring voor zijn gedrag is te vinden in zijn persoonlijke geschiedenis. Toen Monsieur amper vier jaar oud was, kreeg zijn moeder polio en raakte praktisch totaal verlamd. Ze overleefde in een stalen long en overleed vijftien jaar later. Zijn vader bleek een flierefluiter die volledig uit beeld verdween. Als jongetje werd Jacques grotendeels door zijn grootouders opgevoed. Hij groeide op als een geïsoleerde eenzaat, zo vertellen ex-medeleerlingen en vroegere leraren. Hij was discreet en had nette manieren, maar gedroeg zich ook arrogant, ambitieus en achterdochtig. Later kreeg de wapenhandelaar niet voor niets bijnamen als De Vos en De Maarschalk.

Doodskisten

Terwijl hij nog aan de universiteit studeerde, begon hij zijn eerste zaakjes op te zetten. Hij kon daarbij terugvallen op relaties van zijn vader, die als notaris dossiers regelde voor figuren uit het Brusselse affairistenmilieu rond politicus Paul Vanden Boeynants, zoals bouwtycoon Charly De Pauw en textielfabrikant en jeanskoning Pierre Salik. Met als startkapitaal de opbrengst van de verkoop van zijn ouderlijke woning en met de steun van Salik begon hij een kleine keten van jeanswinkels in het Brusselse.

Daarnaast investeerde hij ook in garages, de handel in tweedehandsauto’s en zelfs in de doodkistenmakerij van zijn neef. Na zijn legerdienst als reserveofficier bij de Jagers te Paard in Aarlen, kon hij meteen aan de slag bij de Amerikaanse wapenproducent CIC International, een groep die volgens insiders “heel goede contacten onderhield met de CIA”. Volgens Van Damme ging Monsieur “vermoedelijk in die capaciteit ook werken als informant voor de ADIV, de Belgische militaire inlichtingendienst”.

Jacques Monsieur - 1995 ongeveer

Jacques Monsieur, de net geklede wapenverkoper.

Begin jaren tachtig installeerde Monsieur zich in Brussel, waar hij actief was in zowel de textielhandel als de wapenhandel. Het eerste diende vermoedelijk vooral als dekmantel voor het tweede. Getuigen uit die tijd beschrijven hem als het prototype van de perfecte zakenman, altijd netjes in het pak, correct, discreet en beleefd, veeltalig en welbespraakt, kortom: een zeer goede verkoper.

Via Pierre Salik werd Monsieur geïntroduceerd bij een aantal joodse zakenlui in de Brusselse wijk Triangle, mannen die goede contacten onderhielden met Israël, zoals vader en zoon Nejman van de Brusselse Geoffrey’s Bank. Toen in een Londense luchthaven bij het laden een kist op de grond viel, bleken er geen machineonderdelen maar wapens in te zitten, bestemd voor Somalië. Het gerecht ontdekte dat de Geoffrey’s Bank, officieel gespecialiseerd in textielexport, in feite als draaischijf diende voor een grote illegale wapenhandel, onder meer voor de Oegandese dictator Idi Amin Dada.

Inmiddels was in 1980 de oorlog tussen Iran en Irak uitgebroken, die acht jaar lang zou duren. Vanuit Brussel lanceerde Monsieur zich vanaf het midden van de jaren tachtig volop in het leveren van wapens aan Iran, en dit onder het waakzaam oog van de Mossad. Samen met een reeks andere Belgische en Israëlische wapenhandelaars werd hij ingeschakeld in de Iran-Contra-affaire. Met de winst van de illegale verkoop van Israëlische en Amerikaanse wapens aan Iran (aanvankelijk bedoeld om Westerse gijzelaars in Libanon vrij te krijgen, later om te beletten dat Irak de oorlog tegen Iran zou winnen) werden de extreemrechtse contrarevolutionairen in Nicaragua gesteund in hun verzet tegen de linkse Sandinisten.

Toen het schandaal bekend raakte, kostte dit bijna de kop van de Amerikaanse president Ronald Reagan. Over deze cruciale episode in het leven van Monsieur heeft Van Damme jammer genoeg minder research gedaan (of heeft zijn onderzoek minder opgelevert). De lezer moet het stellen met een eerder schetsmatige en fragmentaire beschrijving van het Brusselse milieu van wapentrafikanten in de jaren tachtig.

Ook toen wist Monsieur alweer uit de schijnwerpers van de media te blijven en kon hij rustig doorgaan met zijn clandestiene zaken. Hij kon tijdens de daarop volgende jaren uitgroeien tot een van de belangrijkste tussenpersonen tussen Israël en het Iran van de ayatollahs. Geleidelijk werd hij wereldwijd de grootste verkoper van Iraanse wapens en munitie, met klanten in Ecuador, Bosnië, Kroatië en Tsjaad. “Monsieur is een man met klasse, de man die perfect gekleed gaat en als heer van stand beter dan wie kan praten en mensen overtuigen”, weet Van Damme. “De ideale verkoper die overal het vertrouwen weet te winnen, ook in Iran.” In één van zijn zeldzame interviews verklaarde Monsieur achteraf dat zijn activiteit als wapenhandelaar met Teheran vooral een dekmantel was, die hem in staat stelde om voor rekening van diverse westerse inlichtingendiensten de Iraanse militaire en nucleaire industrie te bespioneren.

J85-21 vliegtuigmotor

Volgens de beschuldiging zou hij minstens twee van dergelijke vliegtuigmotoren, de J85-21, in de VS hebben willen kopen voor Iran.

Paardenkweker
In de laatste helft van de jaren negentig verschoof het actieterrein van Monsieur naar Afrika. De bloedige burgeroorlogen in Sierra Leone, Ivoorkust, Liberia, Congo-Brazzaville, Angola, Rwanda, Burundi en Zaïre/Congo vormden prima afzetmarkten voor het afgedankte militaire materieel uit de sovjettijd van de voormalige Oostbloklanden. Werk genoeg dus voor wapenleveranciers als Jacques Monsieur.

In die periode schafte hij zich een Ivoriaans diplomatiek paspoort aan en verhuisde naar een dorpje in de buurt van de Franse stad Bourges, waar hij officieel ingeschreven stond als landbouwer en zich, tussen zijn vele reizen door, in zijn enorme domein kon toeleggen op zijn enige hobby: het kweken van Lusitaanse paarden. Maar ondertussen kwamen zowel het Belgische als het Franse gerecht hem steeds dichter op het spoor. In de zomer van 1999 publiceerde wijlen Walter De Bock, onderzoeksjournalist bij De Morgen, voor het eerst een ontluisterend portret van de wapenhandelaar. Van Damme: “Het betekende dat Monsieurs naam in de pers was verschenen en zijn anonimiteit, waar hij steeds op stond, voorgoed ten einde was.”

De paardenkwekerij van Jacques Monsieur bij het Franse Tarascon

De enige echte passie van Jacques Monsieur is het kweken van Lusitaanse paarden. Hier zijn paardenkwekerij vlakbij het Franse Tarascon.

Vanaf dat moment ging het snel bergaf met Monsieur. Hij sukkelde van de ene gevangenis in de andere, en kreeg een paar symbolische celstraffen aan zijn broek. In 1999 was hij in Frankrijk al voor de eerste keer aangehouden en beschuldigd van illegale wapenhandel in het kader van de affaire rond de staatsoliemaatschappij Elf. Hij besefte dat het net zich rond hem aan het sluiten was en een veroordeling wel eens onvermijdelijk zou kunnen worden.

Nadat hij voorwaardelijk was vrijgelaten sloeg hij op de vlucht en vloog via Zwitserland naar Iran. Kort na zijn aankomst werd hij ook daar gearresteerd en beschuldigd van spionage voor België. Hij kreeg een gevangenisstraf van tien jaar, maar kwam na zestien maanden en het betalen van een grote boete weer vrij. Enkele weken later werd hij op de luchthaven van Istanbul alweer opgepakt, dit keer op vraag van het Belgische en het Franse gerecht.

Na zijn uitlevering aan ons land verhuisde Monsieur naar een cel in Vorst. Lang moest hij echter niet brommen. Er volgde een bliksemsnel proces achter gesloten deuren, met als resultaat een veroordeling tot een lichte voorwaardelijke celstraf. Enkele jaren later herhaalde dit scenario zich in Frankrijk. Opnieuw kwam Monsieur er goedkoop vanaf. In beide gevallen ging niemand in beroep.

Jacques Monsieur - Gevangenis Alabama VS -300x375

De officiële foto van Jacques Monsieur na zijn arrestatie in de VS.

Zijn rol was uitgespeeld en Monsieur leek voorgoed verdwenen van het toneel. Tot hij in de zomer van 2009 opeens terug opgepakt werd, dit keer op de JFK-luchthaven in New York. Het was een sting operation: Monsieur was in de val gelokt door een undercoveragent en werd beschuldigd van een poging tot het verkopen van Amerikaanse motoren voor Iraanse gevechtsvliegtuigen. Hij riskeerde een celstraf van zo maar eventjes 65 jaar. Tenzij hij bereid was mee te werken met het gerecht en beloofde alles te vertellen wat hij wist. Informatie over Iran, daar was het de Amerikanen om te doen, meent Van Damme. Monsieur koos eieren voor zijn geld. Eind vorig jaar werd hij in Alabama veroordeeld tot 23 maanden cel. Dat betekent dat hij binnen enkele weken, op 28 april, vrijkomt.

Boter aan de galg

De auteur kent zijn materie, snapt de rare kronkels van de inlichtingendiensten, kan de activiteiten van Monsieur in hun brede en soms ingewikkelde internationale context situeren en maakt een steekhoudende analyse. Blijft de vraag: hoe komt het dat de grootste Belgische wapensmokkelaar twintig jaar lang ongehinderd zijn gang kon gaan? In 1984 kwam Monsieur nochtans al voor de eerste, en niet voor de laatste keer in het vizier van het Belgische gerecht. “Het Brusselse parket is sinds 1980 al minstens zeven strafonderzoeken begonnen tegen Monsieur”, schreef De Bock in 1999 in De Morgen. “Niet één daarvan bracht hem in de voorbije twintig jaar voor de rechtbank. Toch leverden het parket van Brussel en de speurders telkens bewijzen van illegale wapentransacties van Monsieur. Het was boter aan de galg. Al een half dozijn onderzoeksrechters beet zijn tanden stuk op Monsieur, maar de man blijkt onaantastbaar.”

De verklaring is even simpel als schandalig: al die jaren kon de wapenhandelaar rekenen op bescherming van machtige vrienden achter de schermen, met name bij de Amerikaanse CIA en DIA (Defense Intelligence Agency), de Israëlische Mossad en Aman, de Franse DGSE en de Belgische Staatsveiligheid en de ADIV, stuk voor stuk veiligheidsdiensten die perfect op de hoogte waren van de clandestiene bedrijvigheden van Monsieur. De gerechtelijke onderzoeken werden dan ook vakkundig gesaboteerd.

Zelfs het Comité I, dat verondersteld wordt onze inlichtingendiensten te controleren, werd met een kluitje in het riet gestuurd. Van Damme: “Wat dit boek ook toont is de totale onmacht van de politieke en gerechtelijke instellingen om controle te krijgen over de inlichtingendiensten die opereren als een staat binnen de staat, en die aan elke democratische en wettelijke controle ontsnappen. Waarbij het politieke bestel als een stelletje bangerds angstig om deze diensten heen loopt. Het aantal politici dat zicht op hun werking tracht te krijgen is op de vingers van één hand te tellen, zo erg is het gesteld met onze democratische instellingen.”

“Handelaar des doods. Het verhaal van Jacques Monsieur, Belgiës grootste misdadiger ooit”, Willy Van Damme, Borgerhoff & Lamberigts, 256 pagina’s, 19,95 euro.

Redactie Apache

Deze boekbespreking is het werk van de redactie van de nieuwswebsite Apache en werd met hun toestemming hier geplaatst. Verder informatie over Apache via de link op deze blog rechts bovenaan.

Dossier Jacques Monsieur blijft Iran achtervolgen

Het dossier van Jacques Monsieur, de Belgische wapenhandelaar en gewezen spion, blijft Iran achtervolgen. Zo vroeg de verdediging van de Bosnische politicus Radovan Karadzic aan het International Strafhof in Den Haag recent om Iran te verplichten een aantal documenten te overhandigen over de zakelijke relatie tussen Monsieur en Iran. Documenten die betrekking hebben op Iraanse wapenleveranties via Monsieur aan de Bosnische moslims tijdens de Joegoslavische burgeroorlog.

De Irancontra-affaire

Jacques Monsieur, tot 1998 luitenant in het reservekader van het Belgisch leger, werkte van ongeveer 1984 tot 2000 nauw samen met Iran rond wapenleveringen aan en door Iran. Dit zoals bleek in opdracht of met medeweten van de militaire veiligheidsdiensten van België, de VS, Frankrijk en vooral Israël.

Jacques Monsieur - Gevangenis Alabama VS -300x375 

De wapenleveringen van Jacques Monsieur hielpen de oorlog tussen Iran en Irak in stand houden. Dankzij hem werden de vernielingen er nog groter.

Die contacten van Monsieur met Iran starten in 1984 toen Israël en de VS via een aantal Belgische wapensmokkelaars tonnen wapens verkochten aan Iran. Iran en Irak vochten op dat ogenblik een oorlog uit en als het Iraanse leger in 1984 dreigde ten onder te gaan begonnen de VS en Israël met grootschalige wapenleveranties aan dat land. Dit om zo de oorlog te laten aanslepen en de wederzijdse vernielingen groter te maken.

Het staat bekend als de Irancontra-affaire die president Ronald Reagan bijna ten val bracht. En bij die wapenleveranties speelde Jacques Monsieur een belangrijke rol. Hij werd na verloop van tijd zelfs een leidende figuur in de Iraanse wapenhandel. Ook bleef hij op vraag van Israël nog jaren nadien wapens en  wapentechnologie verkopen aan het land.

In november 2000 vluchtte hij met een vals Ivoriaans diplomatiek paspoort vanuit Frankrijk naar Iran. Zowel in België als in Frankrijk, waar hij toen woonde, werd hij op dat ogenblik vervolgd voor illegale wapenhandel. In Frankrijk zat hij zelfs onder huisarrest en in België was een parlementair onderzoek gestart naar de rol hierin van de Belgische inlichtingendiensten.

Ontmaskerd

In Iran was hij ondertussen echter ontmaskerd als zijnde een spion en infiltrant die voor rekening van Israël werkte. Een artikel in De Morgen van Walter De Bock ‘Van de Navo in Evere naar de molla’s in Teheran’ van 24 augustus 1999 maakte voor de eerste maal in de media melding van de man. In een vrij accuraat beeld schetste De Bock diens dubbelrol als Israëlisch spion. Een artikel dat Monsieur blijkbaar niet maar de Iraanse veiligheidsdiensten wel hadden gelezen. Op 19 november 2000 werd de man in de Iraanse stad Mashad gearresteerd en op 1 december 2001 wegens spionage voor België veroordeeld tot 10 jaar cel.

Radovan Karadzic

Radovan Karadzic gebruikt het verhaal van Jacques Monsieur om de rollen over schuld en onschuld in de Joegoslavische burgeroorlog om te keren.

De Bosnisch Servische politicus Radovan Karadzic zit op dit ogenblik voor het Internationaal Strafhof in Den Haag op beschuldiging van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Hier poogt hij zich onder meer te verdedigen door te stellen dat de burgeroorlog georkestreerd was door de westerse grootmachten die een wapenembargo hadden afgekondigd maar dat gelijktijdig ook doorbraken door de Bosnische moslims en de Kroaten, hun vrienden, te bewapenen. Wat door het dossier van Jacques Monsieur ten overvloede wordt bewezen. Het toont ook aan dat dit strafhof een parodie is van wat rechtspraak hoort te zijn.

Iraanse wapens voor de Bosnische moslims

Zo bestelde Jacques Monsieur op 9 november 1994 op vraag van de Bosnische moslims 3000 granaten kaliber 203 mm bij het Iraanse staatsbedrijf Modelex dat instond voor de wapenexport van het land. Een contract met een waarde van bijna 2 miljoen dollar. Wapens die via Kroatië en de luchthaven van Pula geleverd werden. In totaal leverde Iran via Monsieur tussen december 1994 en april 1995 900 dergelijke granaten. Plots begon men in Iran echter moeilijk te doen en stopten om onduidelijke reden de leveringen.

Vermoedelijk betrof het hier immers geen leveringen aan het leger van de moslims maar aan de Bosnische Kroaten die toen eveneens vochten tegen de moslims in Bosnië. De ondertekening van bepaalde documenten langs Bosnische zijde door de Bosnische viceminister van Defensie, een zekere Jadranko Prlid, zou immers vals zijn. Zeker is dat de eindverbruikerscertificaten die bij elke wapenhandel horen ook vals waren.  De deal ging via de schimmige bvba Matimco van Monsieur die toen een adres in Rixensart opgaf.

Internationaal Strafhof in Den Haag

Het Internationaal Strafhof voor het vroegere Joegoslavië in Den Haag is in wezen slechts een wraakoefening van de overwinnaars tegen diegenen die de oorlog verloren.

Vermoedelijk zal het strafhof ingaan op dit verzoek maar de vraag is of Iran aan die eis zal toegeven. Monsieur zit nog in een cel in het Amerikaanse Mobile officieel wegens een poging om motoren voor gevechtsvliegtuigen  te leveren aan Iran. Hij komt normaal ten laatste in midden april 2011 vrij.

Willy Van Damme

Jacques Monsieur krijgt 23 maanden cel

Rechter William H. Steele van de Amerikaanse rechtbank in Mobile, hoofdplaats van de staat Alabama, heeft de Belgische wapenhandelaar en gewezen spion Jacques Monsieur woensdag veroordeeld tot 23 maanden celstraf. Hij kreeg daarnaast geen boete. Aangezien hij al 13 maanden heeft vastgezeten en men in de VS maar 85% van de straf moet uitzitten kan hij al binnen 6,5 maanden vrijkomen. Bovendien is er tussen Justitie en Monsieur afgesproken dat hij de rest van zijn straf in België zou kunnen uitzitten. Of dat in de praktijk ook zo zal zijn valt echter nog af te wachten. Tegen het vonnis zal normaal geen beroep worden aangetekend.

Verplichte debriefing

Monsieur zit sinds 27 augustus vorig jaar in de cel in de VS. Volgens het Amerikaanse ministerie van Justitie had Monsieur gepoogd om twee Amerikaanse vliegtuigmotoren van het type J85-21 van General Electric voor het F5E gevechtsvliegtuig van Northrop Grumman te kopen bestemd voor het Iraanse leger. En daartegen is er in de VS al veel jaren een embargo. Het is alleen voor die feiten dat hij werd veroordeeld. De rest van de aanklacht werd in overleg tussen Justitie en Monsieur in de strafzaak niet meer weerhouden.

Jacques Monsieur - 1995 ongeveer

Jacques Monsieur, hier in betere tijden rond 1995 op een officiële receptie in het Franse Bourges.

Volgens de VS had Monsieur in zijn zoektocht naar die motoren op zeker ogenblik contact opgenomen met een Amerikaan die echter een undercoveragent was van het ministerie van Justitie die de man ook in de val lokte. Bij zijn aankomst op de luchthaven van New York werd Jacques Monsieur dan ook gearresteerd. En omdat hij al een voorafbetaling van 100.000 US dollar zou gedaan hebben via een bank in Mobile werd hij ginds ook in de cel gegooid. 

En de originele beschuldigingen waren niet min. In totaal dreigde de 57-jarige Jacques Monsieur voor 60 jaar in de VS achter de tralies te verdwijnen. Initieel pleitte hij onschuldig maar onder druk van Justitie en totaal geïsoleerd gaf hij de poging tot smokkelen toe. Iets waarop maximum 5 jaar celstraf staat. Ook zou het parket aandringen op de lichtst mogelijke straf die hij dan eventueel verder in België zou kunnen uitzitten.

Jacques Monsieur - Gevangenis Alabama VS -300x375

Jacques Monsieur op een foto genomen in augustus 2009 bij zijn arrestatie in de VS.

In ruil moest hij wel alle vragen beantwoorden dat men in de VS voor hem nog liggen had. Vermoedelijk dan vooral over zijn contacten met andere militaire veiligheidsdiensten zoals de Belgische, Israëlische en Franse. Ook zijn jarenlange contacten die hij als westers spion in Iran onderhield zullen hierbij zeker aan bod zijn gekomen. In wezen was de arrestatie van Monsieur dan ook een vorm van verplichte debriefing. En blijkbaar heeft hij nu alle vragen op een voor de VS aanvaardbare wijze beantwoord.

Monzar al Kassar en Lockerbie

Het merkwaardige aan de zaak is dat Monsieur niet de enige ooit voor de VS werkende wapenhandelaar is die de voorbije jaren op die wijze door de VS werd aangepakt.

Ook de Syriër Monzar al Kassar en de Rus Viktor Bout werden op min of meer diezelfde wijze door het Amerikaanse gerecht gearresteerd. Monzar al Kassar was als Monsieur rond 1985 betrokken bij het leveren van Amerikaanse en Israëlische wapens aan Iran tijdens de Iraaks-Iraanse oorlog, de Iran-Contra affaire. En zoals Monsieur was hij op vraag van de VS vanaf 1991 ook betrokken bij de wapenleveringen aan Kroatië en de Bosnische moslims tijdens de Joegoslavische burgeroorlog. Rond Iran werkte hij bijvoorbeeld nauw samen met de Amerikaanse kolonel Oliver North en was daarbij nauw betrokken bij de drugshandel in de Iran-Contra affaire. North zou later in de VS zowat het voornaamste politieke slachtoffer worden van de zaak.

Insiders van het dossier rond de bomaanslag in december 1988 boven het Schotse Lockerbie op de Boeiing van Pan Am wijzen in de richting van Monzar al Kassar als de man die de bom aan boord bracht. Aanslag die volgens sommige bronnen te maken zou gehad hebben met een ruzie binnen de CIA-cel in Libanon rond drugshandel. Charles McKee, het nummer twee van de CIA in Libanon zat trouwens met nog vier andere lokale agenten op dat vliegtuig. Monzar al Kassar werd begin 2007 gecontacteerd door geheime agenten van de DEA (Drugs Enforcement Agency) die zich uitgaven voor vertegenwoordigers van de Colombiaanse guerrillabeweging FARC die op zoek waren naar wapens. Hij werd op 8 juni 2007 bij zijn aankomst in Spanje hiervoor gearresteerd en aan de VS uitgeleverd. Op 20 november 2008 werd hij officieel om die reden tot 30 jaar cel veroordeeld. Mogelijks wou men hem echter zo pakken voor de bomaanslag boven Lockerbie.

J85-21 vliegtuigmotor

De J85-21 vliegtuigmotor van General Electric bestemd voor het F5E/F van Northrop Grumman. Een uit de jaren vijftig daterend gevechtsvliegtuig en toen bestemd voor de wat minder betrouwbare bondgenoten, en dus totaal verouderd.

Viktor Bout

Hetzelfde verhaal bij de Russische wapenhandelaar Victor Bout die ook lange tijd met de VS samenwerkte en o.m. jaren in het Amerikaanse Miami en het Rwanda van de pro-Amerikaanse dictator Paul Kagame bedrijven en burelen had. Na de Amerikaanse invasie van Irak vervoerden zijn vliegtuigmaatschappijen voor het Pentagon ongeveer honderd maal troepen naar Irak. Goed voor 6 miljoen dollar. Hij werd door diezelfde DEA op 6 maart 2008 in Thailand opgepakt. Ook hij werd door als leden van de FARC vermomde agenten van de DEA in de val gelokt. En zoals Monsieur pleit hij ook onschuldig. Zijn zaak is er nog steeds hangende. Met de VS die immense druk op Thailand uitoefenen om alsnog zijn uitlevering te bekomen.

En volgens confidenties in de New York Times van leidende Amerikaanse regeringsambtenaren betrokken bij zijn arrestatie werd als bij Monzar al Kassar alles al in 2006 gepland door de regering Bush. Waarbij ze zoals bij Monsieur hier vooral interesse hebben voor de vele informatie die de man heeft. Vermoedelijk over zijn contacten met allerlei regeringen, wapenhandelaars, guerrillagroepen en geheime diensten, incluis uiteraard de Russische. Rusland is trouwens woest over de zaak. Dus ook in het verhaal van Victor Bout lijkt het hier eerder te gaan over een wat speciale vorm van verplichte debriefing.

Met een VS die denkt op juridisch vlak zowat alles te mogen doen wat haar pleziert.

Willy Van Damme

Begin volgend jaar verschijnt een boek over het leven van Jacques Monsieur bij uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts.

Naschrift: Het merkwaardige is dat volgens de officiële Amerikaanse acte van beschuldiging die wapenhandel via Colombië ging lopen. Ook hier dus als bij Bout en Monzar el-Kassar is er sprake van dat land. Dit lijkt allemaal teveel toeval om waar te zijn natuurlijk.

Belgisch gerechtelijk dossier over Monsieur naar Den Haag

België is zeer snel ingegaan op het verzoek van het Internationaal Strafhof voor het vroegere Joegoslavië in Den Haag om het gerechtelijk dossier over de Belg Jacques Monsieur aan de verdediging van de Bosnisch Servische politicus Radovan Karadzic te overhandigen. Deze laatste staat er terecht op verdenking van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid waaronder de massaslachting in Srebrenica.

Karadzic roept zijn onschuld uit en verwijst vooral naar de manipulaties achter de schermen van een aantal grotere westerse landen, vooral dan Duitsland en de VS en de rol van de Navo. Jacques Monsieur werd in 2002 in België wegens illegale wapenhandel naar o.m. Joegoslavië veroordeelt. Proces dat op vraag van de veiligheidsdiensten achter gesloten deuren werd gehouden.

Uit een serie documenten blijkt dat de uit het Brabantse Lot afkomstige Belgische wapenhandelaar en spion Jacques Monsieur op vrij grote schaal tijdens de burgeroorlog aan de Kroaten en Bosnische moslims allerlei wapentuig leverde. Leveringen die, zoals hij vertelde tijdens een paar interviews en aan het gerecht in Frankrijk en België verklaarde, gebeurden op vraag van de Amerikaanse militaire inlichtingendienst (DIA) en met de actieve medewerking van de Navo die bewust de schepen en vliegtuigen met zijn wapens liet passeren. Ook onze militaire veiligheidsdienst en staatsveiligheid wisten van het zaakje af maar zwegen zowel tegen de opeenvolgende regeringen als tegen het Belgisch gerecht dat de wandel van de man vanaf 1984 onderzocht.

Incourt, woonst Jacques Monsieur

Jacques Monsieur woont officieel met zijn nieuwe partner in het Waals-Brabantse Incourt vlakbij Beauvechain.

Dit kwam aan het licht en toen het Belgisch parlement de zaak wou onderzoeken werd dat zelfs door die veiligheidsdiensten gedwarsboomd. Ook gewapend met een huiszoekingsbevel raakte men met dat onderzoek praktisch nergens. Achteraf werd hiervoor niemand ook gesanctioneerd. Zelfs de controle op die diensten werd niet eens aangescherpt zeggen insiders.

De dozen met de gerechtelijke bundels zullen al volgende week in Den Haag arriveren en zullen voor de verdediging mogelijks meer licht scheppen over wat Monsieur en zijn kompanen toen in Joegoslavië deden. Het is de eerste set van documenten over Monsieur dat zo bij de verdediging van Karadzic geraakt. Vragen aan de VS voor hun huidig gerechtelijk dossier over Monsieur bleven tot heden onbeantwoord. Jacques Monsieur zit er nog steeds in een cel vlakbij de stad Mobile in Alabama.

Paardenkwekerij Jacques Monsieur, buurt Avignon

Samen wonen zij echter normaal in de buurt van Avignon waar zij een kwekerij voor Lusitaanse paarden uitbaten.

Daar wordt normaal op 22 september uitspraak gedaan. Hier wordt hij o.a. beschuldigd van een poging om 2 vliegtuigmotoren te kopen voor Iran. Maar blijkbaar is men in de VS vooral geïnteresseerd in het ondervragen van de man over zijn jaren als spion en wapenhandelaar. Vermoedelijk willen de VS nog meer details over zijn spionagewerk in Iran dan ze al voorheen van hem wisten.

Het echte interessante materiaal over Monsieur zit echter bij de veiligheidsdiensten waaronder de Belgische en die laatste wilden blijkbaar zelfs amper iets lossen aan het Belgisch parlement, gerecht en de opeenvolgende regeringen.

Willy Van Damme

P.S.: België was het enigste land in de EU dat zich daadwerkelijk poogde te verzetten tegen de Duitse en Amerikaanse manipulaties om Joegoslavië via een burgeroorlog in brand te steken zodat men het nadien makkelijker kon overnemen. Houding die volgens een toenmalig niet-sp.a regeringslid vooral een gevolg was van de druk vanuit de sp.a die op dat ogenblik in de regering zat.

Fantasierijke verhalen

Het Thaise hof van beroep heeft dan toch het licht op groen gezet voor de uitlevering aan de VS van de in de Tadzjiekse hoofdstad Dushanbe geboren wapenhandelaar Viktor Bout. Deze was volgens het door de VS gepubliceerde verhaal in Thailand door Amerikaanse geheime agenten in de vol gelokt toen die hem voorstelden wapens te verkopen aan de Farc, een guerrillagroep uit Colombia. Viktor Bout ontkent de aantijgingen en ook de rechtbank in eerste aanleg stelde dat er geen bewijzen waar. Keiharde Amerikaanse druk – de Thaise ambassadeur in Washington werd zelfs publiek op het matje geroepen – heeft duidelijk gevolgen gehad. Het toont het totaal gebrek aan respect van de VS voor de onafhankelijkheid van het Thaise gerecht en dus de Thaise rechtstaat.

Opvallend is dat de  zaak op bijna hetzelfde ogenblik komt als die van Belg Jacques Monsieur. Ook de gehanteerde methode, het in de val lokken door nepkoopjes voor te stellen, is dezelfde als bij Monsieur. Beiden hebben meer dan tien jaar ongehinderd kunnen werken en nu ze op dit vlak nog amper of niet meer actief zijn komt de VS plots met dit af. Bout werd in maart 2008 in de val gelokt. Monsieur een jaar later. Merkwaardig is het minst wat men  kan zeggen. Jarenlang weigerde de VS zelfs maatregelen te nemen en verhinderde het dat men vanuit de VN tegen Bout een arrestatiebevel uitvaardigde.

Dat de  pers het ook nu weer eens bruin bakt hoeft niet te verbazen. Zo heeft Jean Vanempten het in De Tijd over een Russische spion. Ook Ayfer Erkul in De Morgen komt met dat verhaal af. Wat doet vermoeden dat dit aspect van de zaak verwerkt werd in Angelsaksische persberichten die men dan als naar gewoonte klakkeloos overnam. Over zijn relatie met de VS niets. Het bij journalisten zeer populaire ‘copy & paste’ sloeg nog maar eens toe. Wie denkt dat iemand meer dan 10 jaar lang in Afrika en elders op massale schaal wapens kan verkopen zonder medewerking van westerse veiligheidsdiensten weet amper hoe de wereld reilt en zeilt.

Zo werkte Bout meer dan een jaar lang vanuit Oostende en had hij burelen  in Florida en het Rwanda van dictator Paul Kagame waar de VS toen de plak zwaaide. Hij vervoerde met zijn vliegtuigen zelfs troepen van het Amerikaans leger naar Irak en werkte ook veelvuldig voor de VN. De Financial Times heeft trouwens in het verleden over de connectie van Bout met de CIA geschreven. Een verhaal dat ze nu blijkbaar liever niet meer brengen. Te delicaat nietwaar? Het is nog maar eens een bewijs hoezeer onze media grossieren in halve waarheden, verdraaiingen en de occasionele leugen.

Bout werkte trouwens via onder meer de Slovaakse vennootschap Joy Slovakia samen met Jacques Monsieur, een man waarvan toch absoluut vaststaat dat hij in opdracht van westerse inlichtingendiensten werkte. En dat hij Charles Taylor, ex-dictator van Liberia van wapens voorzag is bijna zeker, maar was dat geen vriend van Jesse Jackson, de toppoliticus van de Democratische Partij in de VS?

In wezen is gans die wapenhandel van onder meer Bout en Monsieur een rechtstreeks gevolg van de verovering door het westen van Oost-Europa rond 1990. Als gevolg van de koude oorlog zaten de zeer vele wapenopslagplaatsen er propvol met alle mogelijke wapentuig. Allen van Sovjetmakelij en  dus ongewenst voor het nieuwe Oost-Europa dat zich westers wapentuig diende aan te schaffen. Want nieuwe bazen zijn nieuwe wetten en dus ook nieuwe wapens.

Die overbodige wapens hebben zich dan met steun van westerse militaire inlichtingendiensten via Bout en Monsieur een weg gezocht naar Afrika.  Het gevolg was een explosie in de jaren ‘90 van uiterst bloedige conflicten van Ivoorkust tot Congo Kinshasa zorgend voor miljoenen doden. Nu de vroegere Sovjetwapens uit de Oost-Europese wapenopslagplaatsen verdwenen zijn is het stil geworden in Afrika. De conflicten zijn er praktisch allemaal voorbij. Geen toeval lijkt het.

En dat Bout met de Russische geheime diensten gepraat heeft zal wel. Hij zou geen dag in Rusland overleven moest hij het niet doen. Dergelijke figuren leiden immers geen gewoon  leven en moeten pragmatisch zich een weg weten te banen doorheen het leven. En schatrijk worden met het leed van anderen. Vermoedelijk is ook dit verhaal rond Bout als bij Jacques Monsieur voor de Tadzjiekse Rus een soort van verplichte debriefing omdat een of andere Amerikaanse inlichtingendienst nog wat vragen heeft over zijn vele vroegere wapendeals.

Willy Van Damme

Karadzic stapt naar tribunaal tegen België

De Bosnisch Servische politicus Radovan Karadzic stapt naar het Internationaal Strafhof voor het voormalige Joegoslavië in Den Haag om België te bevelen haar de gerechtelijke documenten betreffende wapenhandelaar Jacques Monsieur over te dragen. Karadzic staat hier terecht op beschuldiging van onder meer oorlogsmisdaden in Bosnië.

Voorheen had hij op 10 augustus via een gewone brief die documenten bij onze regering opgevraagd. In een vrij snelle repliek stelde ons ministerie van Justitie dat het wettelijk alleen op vraag van de openbare aanklager of het strafhof zelf die documenten kan overhandigen. Met andere woorden een ongelijke behandeling tussen aanklager en verdediging. Wat strijdig lijkt met onze grondwet. Daarom dat Karadzic nu naar het strafhof in Den Haag zelf stapt om zo een bevelschrift voor België te krijgen.

Radovan Karadzic Radovan Karadzic eist via de rechtbank de Belgische gerechtsdocumenten over Jacques Monsieur.

Vraag is of dit hof hem gaat volgen en of België hieraan gevolg zal geven. En dan nog is het goed mogelijk dat men een gekuiste versie van die documenten zal geven. Het strafproces in Brussel tegen Jacques Monsieur verliep op vraag van onze veiligheidsdiensten namelijk achter gesloten deuren. Die wilden immers hun erg vuile was binnenskamers houden zoals bijvoorbeeld het doorbreken van een internationaal mee door België gevraagd en gecontroleerd wapenembargo.

Westerse regeringen gaan er zeker alles aan doen om hun ware rol in dit heel bloedige conflict verder verborgen te houden. Het zou immers een gans ander verhaal aan het licht brengen over de wijze waarop Oost-Europa vanaf 1990 onder westerse controle kwam. Tot heden is nog geen enkele westerse regering ingegaan op gelijkaardige vragen van Karadzic.

Uit een serie documenten is gebleken dat de Belg Jacques Monsieur met medeweten van onze beide veiligheidsdiensten en op vraag van de VS op grote schaal wapens leverde aan zowel de Kroaten als aan de Bosnische moslims tijdens de Joegoslavische burgeroorlog.

Willy Van Damme