De dappere Afghanen of….

Ooit maakte Hollywood in 1943 de film ‘Road to Moscow’ gemaakt aan de hand van het gelijknamige boek van Joseph E. Davies, de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Moskou. De voormalige Sovjetunie werd er ten hemel geprezen en de processen van 1936 waarbij men een ganse serie bekende sovjetpolitici wegens o.m. spionage ter dood veroordeelde was volgens Hollywood een voorbeeld van degelijke rechtspraak.

Rambo III - Versie 1

Zo eindigde Rambo III met een ode aan wat men toen de Moedjahedien noemde. De lieden die het land in afspraak met de CIA omtoverden tot een groot drugsparadijs en ‘s werelds bijna enige producent van opium en heroïne. Een paradijs ook voor terroristen.

Het was echter ten tijde van de tweede wereldoorlog en dus was president Jozef Stalin volgens Hollywood een held. Dat de VS tot 1941 aan het Duitsland van Hitler de benzine leverde voor de operatie Barbarossa, de invasie van de Sovjetunie, werd gemakshalve vergeten. Juist zoals men enkele jaren nadien de inhoud van die film vergat. Het kan in de internationale politiek soms verrassend snel gaan. Zie maar naar Syrië.

Zo ook met Afghanistan waar Hollywood ook al eens een verrassende zij het gênante bocht maakt. Officieel was Bin Laden, de Taliban en al die andere islamitische terreurbendes dappere helden. Een paar jaar later is dat dan weer… oeps. Snel wat aanpassen. Want officieel althans was Bin Laden & co nadien een der ‘s werelds grootste misdadigers ooit. En dus….

Rambo III - Versie 2

En dat werd het nadat men al Qaeda omtoverde tot vijand nummer 1. Nooit de soepelheid van Hollywood en de VS onderschatten. Galant, dat zeker.

Rambo III gaat over held John Rambo die in 1988 ten strijde trekt om een vriend uit de klauwen van de wreedaardige ‘Ruskies’ te halen. Het is een verhaal geschreven door Sheldon Lettich en Sylvester ‘Rambo’ Stallone zelf. Maar dat was 1988 en nadien kwam er dan al Qaeda, vrienden van de CIA die vijanden werden. Juist zoals gebeurde met Jozef Stalin. En dus werd er wat herschreven.

Willy Van Damme

Lydia Chagoll en Felix Nussbaum in Dendermonde

Donderdag 14 maart om 19 uur organiseert de Dendermondse Kunstraad in samenwerking met de bibliotheek en Forum Cultuur, de lokale versie van de Cultuurraad, in de plaatselijke bibliotheek een gespreksavond met schrijfster, choreografe en filmmaakster Lydia Chagoll over de Duitse surrealistische kunstschilder Felix Nussbaum. Daarbij is er ook een vertoning van de vorig jaar door Lydia Chagoll over de man gemaakte film ‘Felix Nussbaum, a painter’.

Felix Nussbaum werd in 1904 in de Duitse stad Osnabrück geboren en ontpopte zich tijdens het interbellum tot een veelbelovend kunstschilder. Zijn carrière werd echter gebroken door de opkomst van Hitler en het nazisme met zijn jodenhaat. En toen hij op cursus was in Italië nam Hitler in Duitsland de macht over. Voldoende reden voor een man als Felix Nussbaum, een jood, om nooit meer naar Duitsland terug te keren.

WV 286 ABB S 450-451

Triomf des Doods, het laatste werk van Felix Nussbaum. Kort nadien verdween hij in het vernietigingskamp van Auschwitz. De nazistische vernielingsdrang en de gruwel van elke oorlog in beeld.

Nadien trok hij naar België en Oostende waar hij kennis maakte met de toen in kunstmiddens populaire James Ensor. De invloed, waaronder het gebruik van carnavalsmaskers, is bij Nussbaum op sommige schilderijen goed te merken. Maar als Duitsland in mei 1940 ook België bezet trok hij ondergedoken naar Brussel.

Toen de geallieerde troepen van de VS en het Verenigd Koninkrijk bijna aan de Belgische grens waren werd hij op 2 augustus 1944 dankzij verraad door de Duitsers opgepakt en via de Mechelse Dossinkazerne richting Auschwitz gevoerd waar hij een week later op 9 augustus werd vermoord. Zoals trouwens de rest van zijn familie.

Vlak voor zijn dood maakte hij het werk ‘Triomf des Doods’ dat als helderziend kan gezien worden. Het was alsof hij zijn einde voelde naderen. De titel is ongetwijfeld een antwoord op de propagandafilm ‘Triumph des Willens’ van cineaste Leni Riefenstahl over een partijcongres van de NSDAP in Nürnberg. Het werk toont in al zijn gruwel de vernietigingskracht van de oorlog en dus ook van het nazisme.

xfelix_nussbaum.jpg.pagespeed.ic.p0W0Ur9-dG

Het Felix Nussbaum Haus in Osnabrück, een realisatie van architect Daniel Libeskind zijn eerste uit 1998 daterende omvangrijk werk. Het adres van het museum is Lotte Strasse 2 in Osnabrück. De man maakte ook het ontwerp voor het nieuwe World Trade Center in New York.

Ter ere van de schilder heeft de stad Osnabrück aan de man een museum gewijd. Het erg opvallende gebouw is gemaakt naar een ontwerp van de wereldberoemde architect Daniel Libeskind. Deze ontwierp wereldwijd al een serie gebouwen en was ook actief als landschapsarchitect in o.m. Almere en Groningen. Zo tekende hij bijvoorbeeld het Joods Museum in Berlijn en het Run Run Shaw Creative Media Centre in Hong Kong.

Felix Nussbaum zou, zeker in België, een nobele onbekende gebleven zijn had auteur en journalist Mark Schaevers in 2015 niet het boek ‘De orgelman’ over Nussbaum geschreven. Een bij de Bezig Bij uitgegeven boek die dat jaar de prestigieuze Gouden Uil boekenprijs kreeg. Vorig jaar maakte Lydia Chagoll over de man dan een langspeeldocumentaire. Met hulp van filmmonteur Gertjan Van Damme. 

Lydia Chagoll is wat men kan noemen een Grote Dame van het Belgische cultuurleven en altijd al een bezige bij geweest. Zo had ze op zeker ogenblik als choreografe een eigen balletschool, maakte ze een serie films en schreef ze ook een aantal boeken. En ook nu ze stilaan de kaap van de 88 jaar nadert blijft die dynamiek aanwezig.

Ze was gehuwd met Frans Buyens uit Temse en een van de pioniers van de Belgische film. In 2016 op 24 oktober vertoonde televisiezender Canvas van de VRT over het leven van deze toch merkwaardige dame een documentaire.

DSC_0006

Alhoewel ze nooit in de Duitse concentratiekampen heeft gezeten en tijdens de tweede wereldoorlog in Indonesië in een Jappenkamp zat – ze is van origine Nederlandse uit Voorburg maar woonde in België toen de oorlog uitbrak en raakte via een vlucht langs Frankrijk, Spanje, Portugal en Mozambique in Batavia (Jakarta) – is oorlog, geweld met de holocaust en vooral het lijden van kinderen de rode draad bij haar schrijven.

En daarbij is de miserie die Palestijnse kinderen meemaken even belangrijk als al die anderen. Zij noemt zichzelf een 100% humanist en een rebel. Na de filmvertoning speelt de Dendermondse Vera Steenput, Belgisch kampioen orgeldraaien, tijdens de receptie het lied The Lambeth Walk waarvan de partituur onderaan links op ‘Triomf des Doods’ te lezen is.

Nu donderdag 14 maart te 19 uur, Bibliotheek, Kerkstraat 111, Dendermonde. Met nadien een receptie aangeboden door de bib. Toegang is gratis.

Willy Van Damme

Première documentaire film over Felix Nussbaum

In de Brusselse bioscoop Aventure in de Kleerkoperstraat gaat nu komende vrijdag 19 januari de documentaire langspeelfilm Felix Nussbaum in première. Het is het werk van Lydia Chagoll, een in vele opzichten grote dame van de Belgische cultuur. Zoals ze recent tijdens een gesprek in de Mechelse Dossinkazerne aankondigde is het wel haar laatste film. Zij is dan ook 86 jaar oud en wordt er in juni zelfs 87. Maar ze is nog steeds een en al leven bezeten door de onderwerpen waar ze sinds 1945 mee bezig is.

Felix Nussbaum is een in 1904 in het Duitse Osnabrück geboren kunstschilder die meestal gerekend wordt tot de toen florerende expressionistische school. Zijn drama was als joods kunstschilder te leven en te werken in het Duitsland van het interbellum met Hitler en zijn nazi’s. Eens die de macht grepen was hij weg en zwierf zowat tussen Italië, Frankrijk en vooral België. En hier dan veel in Oostende en Brussel. In Oostende had hij blijkbaar ook regelmatig contact met James Ensor.

Felix Nussbaum - Zelfportret

Een zelfportret van Felix Nussbaum. Een slachtoffer van de fascistische rassenwaan.

Hij werd trouwens bij de Duitse inval op 10 mei 1940 door de Belgische politie opgepakt en naar een gevangenkamp in het zuiden van Frankrijk gevoerd waar men, joods zijnde, zelfs zijn terugkeer naar Duitsland regelde. Maar hij ontsnapte en verbleef jarenlang voor de Duitse bezetter ondergedoken in Brussel.

Tot hij door verraad op 10 juni 1944 werd opgepakt en men hem via de Mechelse Dossinkazerne, een doorvoercentrum voor ‘ongewensten’, afvoerde richting Duitsland en de vernietigingskampen. Op 31 juli 1944 werd hij op de trein naar Auschwitz gezet. Het laatste treintransport vanuit Mechelen. Hij kwam er met zijn echtgenote aan op 2 augustus en verdween nadien zoals de rest van zijn familie in de gaskamers van Hitler en zijn adepten.

In 1998 werd in zijn geboortestad Osnabrück een museum geopend gewijd aan de kunstenaar, het Felix Nussbaum Haus. De man was in België in de vergetelheid geraakt maar werd mede terug ontdekt dankzij het boek de Orgelman van journalist Marc Schaevers die er in 2015 de Gouden Boekenuil voor kreeg. Waarna Lydia Chagoll besloot er een documentaire langspeelfilm over te maken

Lydia Chagoll is geboren in het Nederlandse Voorburg maar woont behoudens de oorlogsjaren al sinds de jaren dertig in België. Vader was journalist en diende voor zijn werk te verhuizen naar Brussel. Joods zijnde ging het gezin Chagoll ook op 10 mei 1940 op de vlucht. Eerst naar Zuid-Frankrijk en dan via Spanje naar Portugal.

Van neutraal Portugal ging het dan weer naar de Portugese kolonie Mozambique en dan naar Brits Zuid-Afrika om daar uitgezet te worden naar Nederlands-Indië. Enkele weken voor de Japanners deze eilandenarchipel veroverden en het gezin gevangen werd gezet in de beruchte Jappenkampen.

Lydia Chagoll

Lydia Chagoll, een culturele duizendpoot.

Het zijn gebeurtenissen die haar voor het ganse leven zullen tekenen. Veel van haar werk gaat dan ook over het leven in die kampen, zowel ginds in nu Indonesië als in Europa. Waarbij zij ook zeer veel aandacht had voor de andere veelal vergeten groepen zoals de Roma, de politieke gevangen en homoseksuelen. Vooral het lot van de kinderen trok haar zeer sterk aan.

Veel van haar boeken en films gaan dan ook over die thema’s zoals het fascisme en het leed in de kampen. Over haar verblijf in die Jappenkampen wil zij echter niet praten. Dat lijkt ook nu nog na al die decennia te moeilijk voor haar.

Cultureel is Lydia Chagoll een uitermate veelzijdige kunstenares. Filmmaakster, boekenschrijfster, balletdanseres, choreografe en scenariste. Ze had ook jarenlang een eigen balletensemble. Haar echtgenoot was filmmaker Frans Buyens en zoals Lydia Chagoll een vrijdenker en maatschappijcriticus. Hij was afkomstig van Temse en een der pioniers van de Belgische film. Hij overleed in 2004.

Premier vrijdag 19 januari te 19u30, Cinema Aventure, Kleerkoperstraat 15, Centrumgalerij, 1000 Brussel. De toegang is gratis. Wel vooraf reserveren via georges.boschloos@auschwitz.be.

De film is op DVD te koop via bcocdinfo@telenet.be en kost 20 euro. Regie en montage zijn het werk van Lydia Chagoll met montageassistentie van Gertjan Van Damme.

Willy Van Damme

De heilige Nicolaas II in de Hermitage

Enkele jaren geleden besloot Nederland om in een oud protestants rusthuis aan de Amstel in Amsterdam het Hermitage Amsterdam te realiseren, tegenhanger en partner van het fameuze Hermitage in Sint-Petersburg. Het moest en een museum worden gewijd aan Rusland. Rusland lag toen in Nederland en West-Europa immers redelijk goed in de markt. En als olie- en gasstaat had het heel veel geld en was dat een aanlokkelijke ‘vriend’ voor de kooplui in Nederland.

Het was een toe te juichen initiatief daar het de kennis van dit immens grote land en buur kon verbeteren. Toen het echter de deuren opende was Rusland door de VS omgedoopt tot de nieuwe vijand, een kwaadaardig imperium waarvan men niets goeds kon verwachten. Met aan het stuur Vladimir Poetin, een monster, dictator, massamoordenaar, dief en een door en door corrupt figuur. Zeker als we onze media moeten geloven.

De moeilijke geschiedschrijving

Toch blijft het Hermitage aan de Amstel doorgaan met tijdelijke tentoonstellingen zoals in 2014 over de Russische rol bij de Zijderoute naar China. Een uitstekende expositie die vele voor buitenstaanders onbekende aspecten van die relatie blootlegde. Het toonde hoe handel daarnaast ook wetenschap en cultuur in al hun aspecten naar de volkeren bracht die toen het gebied tussen China en Rusland bevolkten.

Nu loopt nog tot dit weekend de tentoonstelling “1917 Romanovs & Revolutie”. Het bespreekt het leven van tsaar Nicolaas II nu honderd jaar na de Russische revolutie van 1917. Het jaar toen de bolsjewieken met Vladimir Lenin in Petrograd de macht grepen en wereldgeschiedenis schreven. Het zou de wereld intens veranderen. De tentoonstelling is echter een misser van formaat. Spijtig.

Hermitage - 1

De Hermitage Amsterdam, een prachtig gebouw, wil de culturele banden met Rusland versterken. Ondanks de koude oorlog van Washington en haar vazallen met Moskou.

Het schrijven van geschiedenis is steeds een heikele zaak. Veelal is dit het werk van de dienaars van de overwinnaars, de machtigen die de cultuur beheersen en ervoor zorgen dat zij er in de geschiedschrijving goed uitkomen. De voorbeelden hiervan zijn legio.

Zelfs over de instorting van het Romeinse Rijk 1600 jaar terug zie je nog hoe Duitse historici en Italiaanse geschiedkundigen er niet zelden een andere visie op nahouden. Het zijn de Germaanse veroveraars versus de Romeinse veroveraars. Geschiedschrijving is een aartsmoeilijk onderwerp en een kwestie van niet alleen bronnenmateriaal maar ook van de culturele instelling van de geschiedkundigen zelf. Hoever kunnen zij zich aan hun achtergrond onttrekken?

Russische geschiedenis nog eens herschreven

Ook hier met deze tentoonstelling is deze negatieve beïnvloeding goed merkbaar. Met de val van de Sovjetunie en de Russische KP in 1990 is men, zeker en vooral in Rusland, begonnen met het herschrijven van de Russische geschiedenis ten nadeel van Lenin en zijn opvolgers.

En dus krijgen wij hier in het Hermitage het verhaal van de bijna heilige tsaar Nicolaas II die samen met zijn gezin door de bolsjewieken is vermoord. Daarbij poogt men zoveel mogelijk de schuld voor alles wat tijdens zijn leven misliep in de schoenen van anderen te schuiven. Mijlen ver van Nicolaas II. 

Natuurlijk kan men ook hier niet voorbijgaan aan een aantal gruwelijke episodes uit het korte leven van de tsaar. Maar telkenmale ligt voor de makers van deze tentoonstelling de oorzaak voor deze reeks desastreuze beslissingen bij anderen. De rampzalige nederlaag met de oorlog tegen de Japanners van 1904-1905 rond de bezetting van het Chinese Mantsjoerije bijvoorbeeld.

Of het bloedig neerslaan van de vreedzame betoging van 9 januari 1905 toen tienduizenden gewoon alleen maar hulde wilden brengen aan ‘hun’ tsaar en hem slechts een petitie wilden overhandigen betreffende de miserie waarin zij leefden. Neen, het bloedbad was de schuld van anderen, de slechte adviseurs. Gemakkelijk niet?

Grigori Raspoetin - 1

Priester en ‘genezer’ Grigori Raspoetin was een ongeletterd seksueel pervers figuur. Nicolaas II, het hoofd van de Russisch orthodoxe kerk, steunde hem voluit. Dit terwijl huwelijkstrouw voor zijn kerk essentieel was.

Hetzelfde met het incident op 27 mei 1896 toen een massa in Sint-Petersburg de kroning van de nieuwe tsaar vierde. Op zijn uitnodiging. Het was een barslecht georganiseerd evenement waar als gevolg van een stormloop bijna 1.400 mensen omkwamen.

Nadien ging de tsaar gewoon naar een door de Franse ambassade gegeven bal. Slecht advies klinkt het als excuus in het Hermitage. Dat sommigen in zijn omgeving die raad gaven klopt. Maar hij ging wel en keek zo neer op het lijden van de mensen die zijn kroning kwamen vieren. Hoe diep kan je zakken?

Trouwens, hij liet steevast alle adviezen die hem niet aanstonden links liggen, of die nu van de machteloze Doema kwamen of van toppolitici als zijn ministers Sergeï Witte of Piotr Stolypin. Allemaal negeerde hij ze als het hem niet aanstond. De man was in de traditie van de Romanovs een autocraat die alleen maar minachting had voor zijn medemens, behalve als het in zijn kraam paste.

Het was uiteindelijk hij die besliste om elke vraag voor politieke hervormingen te negeren, het was hij die besloot tot de gebeurtenissen die leiden tot de oorlog met Japan en het was hij die een al in een verre staat van chaos verkerend Rusland naar een oorlog met Duitsland voerde. Een oorlog die gezien de krachtsverhoudingen voor zijn land niet te winnen was.

De autocraat weet het beter

De man leefde in een soort ivoren toren en gaf vanuit zijn bijna totaal isolement het ene bevel na het andere, met steeds meer rampzaliger gevolgen. Had hij goed nagedacht en anno 1914 naar de politieke en economische toestand gekeken dan had hij door het mobiliseren van zijn leger nooit een oorlog met Duitsland uitgelokt. Zelfs al zocht een uiterst agressief Duitsland toen eender wat excuus voor oorlog. Maar dat wist men in Petrograd, Parijs, Londen en Brussel.

Kijk naar het lot van zijn eerste-minister Piotr Stolypin die zich keerde tegen Grigori Raspoetin, de gekke priester, en diens overheersende invloed op het gezin van de Tsaar en zijn hofhouding. De man bekocht het met zijn leven. En als de koning van Denemarken en later de Britse ambassadeur hem tot rede pogen te brengen negeert hij ook dat. Een autocraat luistert niet, hij geeft bevelen.

Tsaar Nicolas II

Tsaar Nicolaas II bestuurde begin 20ste eeuw Rusland nog als een alleenheerser, een autocraat die niet besefte dat Rusland zeer dringend behoefte had aan een aan de tijd aangepast politiek systeem. Het werd zijn ondergang.

Neen, de oorlogen met Japan en later Duitsland kosten een gigantisch fortuin aan de natie en aan miljoenen Russen het leven. Een gevolg van het beleid van slechts een man: Nicolaas II. De latere Britse premier Ramsay MacDonald omschreef de tsaar als een ‘blood stained creature en common murderer’. Het kon niet beter worden gezegd.

En dat in 1917 in twee fazen aan zijn alleenheerschappij een einde kwam is dan ook alleen zijn schuld. Jazeker, Lenin was een door de Duitsers betaalde couppleger maar hij kon alleen maar invloed krijgen en slagen dankzij het wanbeleid van Nicolaas II. En dat Vladimir Lenin en zijn bolsjewieken geen lieverds waren is daarbij van geen tel.

Een revolutie is geen picknick maar een erg bloederige zaak. In Frankrijk haalde men de guillotine boven. Noodlottig voor zelfs de eigen leiders. In het Rusland van Lenin en Leon Trotski was dat niet beter. En ook hier vielen de leiders van de opstand bij bosjes. Tot en met Trotski zelf.

Het ontbrak het Rusland van Nicolaas II aan een voldoende stevige middenklasse van ondernemers, middenstanders en rijke boeren om de broodnodige economische, culturele en politieke hervormingen door te duwen. In de plaats kwam dan maar een enorm bloedbad met Lenin als de winnaar.

Deze en zijn kameraden maakten van Rusland uiteindelijk die moderne industriële natie die in 1941 wel in staat was Duitsland te weerstaan en zelfs te verslaan. Die hervormingen kosten echter wel heel veel mensenlevens. Maar misschien zelfs minder dan onder Nicolaas II. Maar zeker is dat diens bestuur tot nergens leidde. Behalve dan steeds meer miserie.

Neen, in plaats van een deftige analyse van het Rusland onder de Romanovs en het beleid van Nicolaas II krijgt men in de Hermitage Amsterdam een bijwijlen aandoenlijk eerbetoon aan die ‘common murderer’.

Typerend is de er getoonde liefdesbrief van Nicolaas II aan zijn Duitse echtgenote. Hoe mooi toch dat een man die zijn land de vernieling induwde zijn vrouw zo graag zag. Had hij maar dezelfde liefde getoond voor zijn onderdanen. Want dat waren de Russen voor hem: Onderdanen. En die moeten luisteren en doen wat men van hen eist. Nicolaas wist het immers allemaal veel beter.

Willy Van Damme

Hermitage Amsterdam, Amstel 51, Amsterdam. Dagelijks te bezoeken van 10 tot 17 uur. Volle entreeprijs 17,5 euro.

De volgende tentoonstelling gaat over Hollandse oude meesters in de Hermitage in Sint-Petersburg. En dat zijn er wat. Als ze nadien dit keer echter maar naar hun plaats terugkeren. 

De Morgen en Maarten Boudry

Dat jullie gisteren in de krant een vrije tribune gaven aan Maarten Boudry, docent aan de UGent en groothandelaar in onzin, toont nogmaals de intellectuele zwakte van de redactie. Maar dat wekt helemaal geen enkele verbazing natuurlijk voor een krant die zich specialiseert in het gooien met modder naar wat men noemt de politieke linkerzijde en het ophemelen van al Qaeda in Syrië en het Midden-Oosten.

Maarten Boudry, en vele andere ‘wetenschappers’ bewijzen natuurlijk evengoed het belabberde niveau van wat onze universiteiten, centra voor geleerdheid, zouden moeten zijn.

Willy Van Damme

Lezersbrief naar De Morgen betreffende het stuk van Maarten Boudry in die krant van 21 augustus waarbij hij het nazisme vergeleek met het salafisme. Zo beweerde hij dat de nazi’s hun gruwel wel nooit op YouTube zouden gezet hebben. Hoe hij dat kon weten toont natuurlijk zijn hoogstaand intellectueel niveau.

Wel verschenen er vandaag drie reacties in de krant die brandhout maakten van diens beweringen. Maar het ging over de holocaust en dat is in De Morgen altijd een delicaat onderwerp. Zeker als we weten dat de Antwerpse opperzionist Michael Freilich er zijn vrienden heeft.

Ooit kwam de man spreken op een avond van een Dendermondse vrijzinnige vereniging. Daar stelde hij dat onder de islam andere godsdiensten verboden zijn. Een stelling eigen aan islamofoben en, niet toevallig, ook gedeeld door de vanuit Israël en de VS gefinancierde salafistische terreurgroepen. De man doceert aan de UGent die onlangs werd uitgeroepen tot de beste Belgische universiteit. Wow. 

Een andere kijk op het Midden-Oosten en het Westen

Mede onder impuls van de makers van de hier eerder besproken film ‘Whose peace will it be? organiseert men volgende maand in De Markten in Brussel een internationaal cartoonfestival en een serie lezingen en filmvoorstellingen rond de problematiek van het Midden-Oosten en de gevolgen hier.

Uit een duizend ingezonden cartoons selecteerde men er 120 die ieder hun eigen visie geven op de oorlogen daar, de vluchtelingen, de cultuur en het samenleven ginds en hier. De tentoonstelling loopt van 2 mei tot 31 mei in De Markten, Oude Graanmarkt 5 in het centrum van Brussel. De expositie is elke dag toegankelijk van 12 tot 18 uur, behalve op maandag. Op donderdag is ze open tot 20 uur.

Daarnaast zijn er ook twee filmvoorstellingen in het RITCS aan de Brusselse Dansaertstraat met inleidingen door Luc Pien en Lieven De Cauter. Ook zijn er een serie panelgesprekken met vooral mensen die origineel uit het Midden-Oosten komen. Dit rond thema als de geostrategie achter die oorlogen, de zoektocht naar de waarheid en de groeiende islamofobie.

Meer info met details op http://www.lightintimetocome.org/home/Cartoon.

Willy Van Damme

The Honky Tonk Jazz Club–Een monument te boek

a

Wie het bij kenners van de New Orleans Jazz, waar ook ter wereld, over België heeft zal in nogal wat gevallen snel de naam horen vallen van de Dendermondse Honky Tonk Jazz Club, in Dendermonde en ook erbuiten eveneens gekend als de Bunker. Een cultureel monument in België welke vorig jaar haar 50-jarig bestaan vierde.

George Lewis en de slavenhandel

Een onderdeel van die vieringen is de uitgave onder eigen beheer van het boek ’Honky Tonk Jazz Club Dendermonde – 50 jaar jazztraditie in Vlaanderen’. Een project dat de steun kreeg van KBC, Soudal, De Erfgoedcel van het Land van Dendermonde, het Dendermondse stadsbestuur en de provincie Oost-Vlaanderen.

Het is een mix van een kijk- en leesboek geworden, luchtig maar ook bloedserieus. Wie meer wil weten over de historiek van New Orleans, de zwarte gemeenschap daar en het ontstaan van de blues- en jazzmuziek komt hier zeker aan zijn trekken.

Het is ook een boek dat men als een ware schat voor het nageslacht kan bewaren. Het is perfect ingebonden, gedrukt op glanzend papier groot formaat, heeft een verfrissende lay-out, bevat mooie soms exclusieve foto’s en vertelt het levensverhaal van onder meer de erg invloedrijke klarinettist George Lewis die in 1966 bij de nog piepjonge club op bezoek was. Een foto bewijst het.

Boek 50 jaar jazztraditie in Vlaanderen - kaft

Het is een mooi opgemaakt en vlot leesbaar boeiend boek geworden over de zwarte cultuur in New Orleans, deze stad, de jazz in België en vooral  natuurlijk over de Honky Tonk Jazz Club, haar mannen en vrouwen die het zoveel kleur gaven.

Het relaas van George Lewis is zowel tragisch, ontroerend als boeiend en mooi geschreven. Hoe het amper 8 jaar oude meisje Zaïre per schip aangevoerd uit het huidige Senegal als slavin in New Orleans raakt, er verkocht wordt en na meer dan honderd jaar onvoorstelbare miserie zal zorgen voor achterkleinzoon George Lewis en zijn geniale en inspirerende klarinetmuziek.

Schokkend is zeker ook het in het boek gepubliceerde uittreksel van de uit 1724 daterende Franse Code Noir die van toepassing was in de Franse kolonie Louisiana. Het bepaalde op wettelijke basis het leven van de slaven en toont uitvoerig de willekeur en gruwel waaraan deze ontvoerde Afrikanen bloot stonden. Dat de nazaten van deze zo mishandelde mensen zo’n mooie en invloedrijke muziek produceerden maakt die behandeling des te schokkender.

Jeggpap New Orleans Jazzband

En natuurlijk komt de Jeggpap New Orleans Jazzband, nu Jeggpap, uitvoerig in beeld. Het is het geesteskind geweest van (Gil)Bert Heuvinck, en zijn broers Jan en Philemon (Mon). Bert had immers op school van leraar Willy Roggeman de smaak te pakken gekregen van de jazz. En al snel viel hij daarbij voor die spontane niet-intellectuele versie eigen aan New Orleans.

BertHeuvinck

Bert Heuvinck, de grote inspirator en drijvende kracht achter het Dendermondse jazzgebeuren rond Honky Tonk en de Jeggpap. De man stierf spijtig genoeg in 1985, veel te vroeg. Een van de zalen van het cultuurcentrum Belgica is als eerbetoon naar hem genoemd.

De Jeggpap werd een jazzband die de tands des tijds meer dan doorstond en voor het eerst in 1963 optrad op de sinkensbraderie in de Dendermondse Dijkstraat. De start van een schitterend bestaan met optredens tot in New Orleans en plaatopnames en optredens met o.m. een Sammy Rimington, Louis Nelson en Kid Sheik.

Volgend jaar stopt dit verhaal. Drummer Miel Leybaert, ooit begonnen als trommelaar bij de toen kleine Dendermondse Reuzenommegang Katuit, is de enige overgeblevene van de Jeggpap en staat dan 54 jaar op het podium. En dat lijkt genoeg om in schoonheid afscheid te nemen. Het was dan ook zeer mooi.

Uiteraard komen ook de massa’s optredens aan bod. Teveel om op te noemen maar ze staan er, chronologisch 20 grote pagina’s lang, allemaal in vermeld. Het toont het belang, ja grootsheid van de bunker. Ze organiseerden er concerten, groot en klein, een serie jazzfestivals, boottochten en een pak kroegentochten.

Zo was er natuurlijk niet alleen de legendarische George Lewis te gast maar ook figuren als Fats Domino, Toots Tielemans, Eddie Boyd, B.B. King, Jerry Lee Lewis, Acker Bilk, Chris Barber, Ray Charles, incognito Rolling Stone Charlie Watts, Memphis Slim, Champion Jack Dupree, Dr. John, Bo Diddley en Chuck Berry. Om de meest bekende figuren te noemen. Met Belgische namen als Norbert Detaeye, Ferre Grignard, Roland Van Campenhout, de Piotto’s en Dani Klein.

Bo Didley at Jazz Festival

De legendarische rock & roll gitarist en zanger Bo Diddley trad op 31 augustus 1984 op tijdens het 14de Internationaal Jazzfestival in Dendermonde.

Ook nu nog blijft de Bunker om de haverklap kwaliteit leveren met optredens zaterdag 7 januari van o.m. de Nederlandse pianist Emile van Pelt en de Franse trompettist Boss Queraud. Topmuzikanten als Lillian Boutté, Davell Crawford, Charmaine Neville, Wendell Brunious, Leroy Jones en Denise Gordon treden er regelmatig met groot plezier op. Sommigen zullen zelfs niet terugschrikken om met het vliegtuig een ommetje te maken naar die vrolijke Dendermondse jazzbunker.

Een unieke sfeer

De wat plezante noot in dit boek zijn ongetwijfeld de cursiefjes met anekdotes van de vroegere journalist en bunkerfan Marc De Backer. Geschreven in de hem o zo typerende wat schalkse stijl, eigen aan zijn periode bij het lokale weekblad De Voorpost. Het is een verrijking voor het mede met zijn steun uitgegeven boek.

Leuk zijn zeker ook de foto’s van de serie ‘rare vogels’ die af en toe in de club verschenen als een kunstschilder Jean Kamiel Steeman, alias de Tsaar (1). De enige man die ooit zonder gerechtelijke vervolging spontaan en met een gewoon mes een schilderij van Rubens uit zijn kader haalde. Het was voor dat schilderij dit of sterven in de brand.

Atmosphere at he Honky Tonk Jazz Club

De club met vooraan drummer Miel Leybaert, ernaast links jazzpianist Ilja De Neve, die onlangs in Honk Tonk zijn nieuwe in het Verenigd Koninkrijk geproduceerde cd Wama Bama Mama presenteerde, daarachter en wat verstopt staat de eerder dit jaar overleden klarinettist Piet Hermans, man van de Crescent City Dreamers, en achteraan glunderend Lut Van den Abbeele met ernaast saxofonist Peter Verhas, telg uit de familie der fameuze kunstschilders Jan en Frans Verhas.

En uiteraard zijn er een serie verhalen in te vinden met foto’s rond de vele medewerkers als een Aimé en Albert Braeckman, de grand marshal, Alajos Van Peteghem, Agnes De Vijlder, Jacky Stassijns en Lut Van den Abbeele. Zonder hen zou er geen bunker en zijn soms onvergetelijke optredens zijn geweest.

Optredens die niet zelden zorgen voor een unieke sfeer. De bunker, een uit de negentiende eeuw daterende militaire vestiging, is nu eenmaal qua vorm erg speciaal en zorgt bijna spontaan voor een pak gezelligheid waar elke muziekfan moet van kunnen houden.

Het boek werd vorige maand in de bunker voorgesteld in aanwezigheid van Oost-Vlaams gouverneur Jan Briers, zelf een groot muziekliefhebber, de provinciaal gedeputeerde voor Cultuur Dendermondenaar Jozef Dauwe, voorzitter Mon Heuvinck, Dendermonds burgemeester Piet Buyse, vriend-des-huizes Remi Vermeiren en Rik Van Cauwelaert, die ook mee een voorwoord schreef.

DSC_0775

Van links naar rechts: Jozef Dauwe, Mon Heuvinck, Jan Briers en Remi Vermeiren.

Het boek is dan ook warm aanbevolen aan al diegenen die wat meer wil weten over niet alleen die Honky Tonk Jazz Club, maar ook over deze muziek in België en het ontstaan van de jazz en blues in de delta van de Mississippi, stijlen die meer dan wat ook onze huidige muziekcultuur wereldwijd smaak geven.

Het geeft ook een zeer interessant beeld van het vroegere leven in de hoofdstad van die muziek, New Orleans. Het is voor 45 euro te koop in de club, het naburige Jazzcentrum Vlaanderen, de Dendermondse Standaard Boekhandel of via overschrijving op BE49 4428 6650 5171 van Honky Tonk Jazz Club vzw. Het boek telt 224 pagina’s, groot formaat. Adres: Honky Tonk Jazz & Blues Club, Leopold II laan 12, Dendermonde.

Willy Van Damme

1) Kort na het schrijven van deze tekst overleed Jean Kamiel Steeman in het Aalsterse Onze-lieve-Vrouweziekenhuis. De man wordt zaterdag om 10 uur in de Baasroodse Sint-Ursmaruskerk begraven. Jean Steeman was een in vele opzichten een merkwaardig man.

Genietend van snuiftabak, met zijn lange grijs geworden baard en vroeger een hoge hoed viel hij in het Dendermondse stadsbeeld op. Hij was in de tweede helft der zestiger jaren een lid van de Antwerpse artiestenkolonie die rond de Academie voor Schone Kunsten, galerie Zwarte Partner, De Muze, Fred Bervoets en Ferre Grignard volwassen werd.

Jean Steeman

De Tsaar bij een van zijn schilderijen tijdens een tentoonstelling van een paar jaar geleden in het Baasroodse Scheepvaartmuseum.

In zekere was hij een opvolger van de negentiende-eeuwse Dendermondse School van impressionisten rond Franz Courtens (1854-1943). Als een rasechte Dendermondse artiest schilderde hij vooral het landschap langs de Schelde, naast dan – hoe kan het als Dendermondenaar anders – vele paarden.

De intussen ook al overleden vroegere schepen Pierre Caudron, een kunstliefhebber, noemde hem een witschilder wegens het veelvuldig gebruik van wit om zijn landschap karakter te geven. Nog vorig jaar was hij te zien in het VRT-televisieprogramma Ieder Beroemd omwille van zijn actie om de mensen op te roepen meer goedendag tegen elkaar te zeggen. Het sociaal zijn was bij hem dan ook een belangrijk kenmerk.

En natuurlijk blijft hij in de kunstwereld voor altijd bekend als de man die op 3 april 1968 in Antwerpen een der werken – de geboorte van Christus – van Pieter Paul Rubens uit de brandende Sint-Pauluskerk wist te redden. Een heldendaad waar hij levenslang terecht mee pronkte.

Dendermonde Honky Tonk Jazz Club – For the love of New Orleans

Somewhere around 1964 the four brothers Heuvinck Bert, Jan, Piet and Mon, together with a few friends, students at that time, came into contact with the music from New Orleans, its gospel songs, the New Orleans jazz and its whole cultural environment surrounding it.

The cultural heritage

And so it went. First came the creation of the Jeggpap New Orleans Jazz Band, featuring the four brothers and some of these friends, and then arose the need for a club house, dedicated to this cultural heritage.

IMG_2087

Mon Heuvinck, after fifty years still one of the very active and leading figures of the club. Something to be very proud of.

With help from the city Council of their town Dendermonde they were able to hire an old disused bunker, once part of the city military fortifications. They cleaned it up and made it their club house with the first concert by their Jeggpap New Orleans Jazz Band on the 6th of March 1965, now more than 50 years ago.

It was a defining moment for them and for the New Orleans music and its cultural heritage in Europe. Started with a lot of enthusiasm but also hesitation it pretty soon became a center for lovers of New Orleans Jazz, not only in the city or the region and nationally, but for all over Europe and even beyond.

Atmosphere at he Honky Tonk Jazz Club

The club in action. Here in front drummer and painter Miel Leybaert, one of the founders of the Jeggpap New Orleans Jazzband. With behind him one-time clarinet player and partly visible Piet Hermans and talented blues pianist and singer Ilja De Neve looking on. In the background Saxophone player Peter Verhas.

A reputation

Since those days the club gained a reputation as being one of the leading European centers for New Orleans Jazz. With many music performers from New Orleans when visiting Europa making it a habit of performing at the club. The club has now nearly 500 members.

The club, being an old small army bunker, gives concerts a special atmosphere where musicians and the public easily intermingle with each other, giving an appearance at the club for the musicians an extra dimension.

Bo Didley at Jazz Festival

Bo Didley, one of music’s great man, also appeared at the festivals in Dendermonde. Here in Dendermonde with one of his typical guitars.

Since 1965 the people of the club organized more than 2000 concerts, in the club and outdoors, on boat trips, street parades and at many festivals, small and great. All in dedication and of love for the cultural heritage of New Orleans. They also organize regular trips to the city itself. In this they are true ambassadors for the city helping to safeguard and promote this culture in Belgium and Europe.

Many great names

Many hundreds of groups and musicians from New Orleans, other places in the US, Belgium, but also from the other continents in the world played at the club or at festivals organized by the Honky Tonk Jazz Club. Some well-known names, some lesser known.

Doc Houlinds Revival All Stars (DK)

The atmosphere during the show of the Danish Doc Houlind Revival All Stars. Musicians and public easily intermingle at the club. Giving it something unique and the reason why musicians from afar take the plane just for one show at the club.

Naming them all would be too much but artists who played there were among others Albert Nicholas, Champion Jack Dupree, Barry Martin, Captain John Handy, George Lewis, Louis Nelson, Sammy Rimington (UK), Memphis Slim, the Preservation Hall Jazz band, Max Collie’s Rhythm Aces (UK), The New Orleans All Star Band, Kid Thomas, All Lewis, Otis Grand, The Reverend Dejean Choir, Teddy Wilson, Benny Waters, The Dutch Swing College Band (NL), Bud Freeman, Thomas Jefferson, Count Basie, Oscar Peterson, Chris Barber New Orleans Blues Band (UK), Wallace Davenport, Dejan’s Olympia Brass Band of New Orleans, Philippe Cathérine (Belgium), Dorothy Donegan, Toots Thielemans (Belgium), Fats Domino, B.B. King, Bessie Griffin Trio, Chuck Berry, Bo Didley, Ray Charles, Etta Cameron, Monty Alexander, Manu Dibango (Cameroun), Jimmy Witherspoon, Lillian Boutté, Curtis Mayfield, Dr. John, DeeDaniels, Freddy Kohleman, Al di Meola Project, Jerry Lee Lewis, Dee Dee Bridgewater, Calvin Jackson & The Mississippi Bound, Liz McComb, Wendell Brunious, Freddie Lonzo, Lucien Barbarin, Shannon Powell, Leroy Jones with Craig Klein, Paul Longstreth, Gerald French and Mitchell Player, Steve Yocum, Bob French, Charmaine Neville with Amasa Miller, Frank Oxley, Louis Ford, Gregg Stafford, Evan Christopher Clarinet Road and Davell Crawford.

Fats Domino - 03

One of the great names of the New Orleans music scene without any doubt has been Fats Domino. Here in action with his piano at the Dendermonde Jazzfestival.

Celebrating 50 years

In 2002 a new initiative was created with the Jazzcentrum Vlaanderen, another non-profit organization, situated next door. This was the result of close cooperation between the Honky Tonk Jazz Club, the provincial administration of Oost-Vlaanderen, the Dendermonde city council and other like-minded smaller clubs in Belgium.

This Jazzcentrum Vlaanderen organizes exhibitions and functions as a museum and a documentation center about the history of New Orleans Jazz in Belgium. A very important task. It also regularly gives concerts itself or workshops regarding New Orleans Jazz. Thereby giving the Honky Tonk Jazz Club an extra dimension.

Memphis Slim at the Jazz Festival

Well know giant of the blues piano Memphis Slim als appeared at the Dendermonde Jazzfestival.

No surprise therefore that when the hurricane Kathrina struck New Orleans creating huge havoc, The Jazz Centre straight away founded NOMA, New Orleans Musicians Aid, in the presence of Wendell Brunious, collecting funds through the organization of concerts and by other actions to help musicians from New Orleans to restart their lives and musical careers after the disaster that struck them.

On the 3rd, 4th and 5th of September the city council of Dendermonde organizes a whole series of events in the city with concerts to celebrate this 50 year anniversary of dedication and love for the cultural heritage of the city of New Orleans.

Davell Crawford - View of public standing and clapping during show

Modern day New Orleans piano player and singer Davell Crawford here recently in June at the Honky Tonk Jazzclub receiving a standing ovation for what was no doubt a very great performance. Look on top the flag of New Orleans flying.

Honky Tonk Jazzclub, Leopold II Laan 19,9200 Dendermonde, Belgium

Willy Van Damme

Naschrift:

Deze tekst werd speciaal gemaakt om de Honky Tonk Jazzclub en haar werk beter bekend te maken bij het Amerikaans publiek, en speciaal dan de muziekscène betrokken bij de jazz, blues, gospel en aanverwante muziekstijlen.

Feestprogramma 50 Jaar Honky Tonk

Op 3, 4 en 5 september organiseert het Dendermondse stadsbestuur ter ere van het 50-jarig bestaan van de club een serie activiteiten en concerten. Zo is er op 3 september in zaal ‘s Sestich aan de bibliotheek om 20 uur een ‘History of blues and jazz’ waarbij muzikaal de evolutie gegeven wordt van de zwarte muziek in de delta van de Mississippi, van de zogenaamde work songs tot de gospels, de jazz en de blues.

Charmaine Neville - during show

New Orleans singer Charmaine Neuville appearing at the Honky Tonk Jazzclub with Albert Braeckman and his umbrella joining the show. Fun and good music make a nice mix at the Honky Tonk Jazzclub.

Vrijdag 4 september is er dan om 20 uur in de tuin van het CC Belgica, Café Jardin, een eerste optreden van de Britse soulzangeres Denise Gordon samen met het Verjazz Combo rond Peter Verhas. Met ook de Joep Peeters & the Gloodnew Orleans Band.

Zaterdag 5 september is er dan vanaf 14 uur een klassiek wandelconcert door het stadscentrum met de Honky Tonk Brassband met daarbij als must Albert Braeckman met zijn paraplu en andere attributen. De jazz heeft mee zijn uniek karakter gekregen doordat het gebruikt werd bij uitvaartstoeten in New Orleans waar men het verdriet verdrong met vrolijke klanken.

Norbert Detaeye

Ghent jazz piano player and gospel singer Norbert Detaeye first came to the club almost 50 years ago to see blues legend Champion Jack Dupree playing. He kept coming and is since a regular guest of the club and the city. Here celebrating 50 years Honky Tonk Jazzclub at the Jazzcentrum Vlaanderen.

Zaterdagavond is er een tweede optreden van de zangeres Denis Gordon met ditmaal onder begeleiding van de Gentse jazzpianist en gospelzanger Norbert Detaeye. Met als tweede act een optreden van het overbekende trio Jean Blaute, Eric Melaerts en Jean-Marie Aerts.

Het gospelconcert met Denise Gordon en Norbert Detaeye start om 19 uur in de abdijkerk aan de Vlasmarkt. Het optreden van het trio met Jean Blaute is voorzien in de theaterzaal van CC Belgica om 21 uur.

het is een gelegenheid om deze feitelijk miskende muziekclub wat beter te leren kennen. Een club die ooit de muzikale reus Dr. John liet spelen in het toch kleine Dendermondse stadhuis. Iets wat weinig clubs in Europa haar ooit nadeden.

Willy Van Damme 

 

Boeddhisme als fantasie

De lezersbrieven van Mark Van Esbroeck en K. Lammens (Humo 24 juni) over het boeddhisme tonen een schrijnend gebrek aan kennis over het boeddhisme en zijn praktijken. Daar schrijft Van Esbroeck dat boeddhisten: “… er nooit op uitgetrokken (zijn) om andersdenkenden gewapenderhand uit te roeien”.

Toen Tibet nog onder het juk van het boeddhisme zuchtte was er wijdverspreide slavenarbeid, was folteren schering en inslag en trokken de boeddhistische kloosters regelmatig tegen elkaar ten oorlog. Op een na werden trouwens alle voorgangers van de Dalai Lama vermoord.

In maart 2008 trokken monniken in Lhasa door de stad en staken daarbij huizen in brand waar in veel gevallen nog kinderen sliepen. Vreedzaam? Kom nou.

Dalai Lama en Aung San Suu Kyi

Twee schijnheiligen netjes bij elkaar, de Dalai Lama en Aung San Suu Kyi. Pure creaties van de westerse media.

Kijk verder naar Myanmar waar boeddhistische monniken mee pogroms organiseren tegen de Rohingyas, een moslim minderheid.

Of anders naar Sri Lanka waar boeddhistische monniken mee hielpen bij de oorlog tegen de Hindoeïstische Tamils en de minderheid van moslims. En zo kan men nog veel voorbeelden geven.

Waarbij de tot heilig gepromoveerde Dalai Lama steeds netjes weet te zwijgen. Zoals trouwens de eveneens heilig verklaarde Aung San Suu Kyi.

Wat beide heren schreven was pure fantasie. Het is inderdaad wel geen sekte te noemen maar het is wel degelijk een godsdienst en zo bijwijlen onderhevig aan dezelfde smeerlapperij als alle andere godsdiensten.

Willy Van Damme

Met Excuses

Lezers hier en vooral mensen die reageerden vroegen zich vermoedelijk af waarom het hier meer dan een week muisstil was en hun reactie de voorbij week niet werd geplaatst. De reden was simpelweg een 8 dagen reis doorheen Andalusië met bezoeken aan de prachtsteden Sevilla en Granada.

Het land van de Iberiërs, Carthagenen, Feniciërs, Grieken, Romeinen, Joden, Moslims en katholieken, Visigoten, Moren en Berbers, Réconquistadores, Conquistadores en sinds de globalisering van Japanse….. flamencodansers.

Japanse flamencodansers op de Plaza Nueva in Sevilla - 18 mei 2013

Een Japanse gitarist, twee Japanse flamencodansers – de dame met haar zwarte rok verschuilt zich hier achter haar danspartner – en een boordevol emotie zingende Japanse zangeres. En dit aangevuld met een vermoedelijk Spaanse gitarist. Of hoe twee op dit vlak totaal tegengestelde culturen hier vlot in gesprek raken. Het was een boeiend en succesvol straatoptreden dat bij Spanjaarden en toeristen op veel bijval kon rekenen. Hier op de Plaza Nueva van Sevilla. 

Van een multiculturele wereld gesproken. De intussen binnengekomen reacties worden zo snel mogelijk geplaatst. Met de nodige excuses.

Willy Van Damme